ECLI:NL:RBROT:2024:7101
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toelating tot wettelijke schuldsanering ondanks twijfel over goede trouw
Verzoeker heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling. De rechtbank constateert dat verzoeker niet (meer) kan voldoen aan zijn betalingsverplichtingen en dat het verzoek aan de formele eisen voldoet.
Hoewel enkele schulden binnen de driejaarstermijn zijn ontstaan en niet te goeder trouw zijn ontstaan of onbetaald gelaten, waaronder verkeersboetes en schulden aan de Belastingdienst en Basic Fit, wordt het verzoek niet afgewezen. De rechtbank past de hardheidsclausule toe omdat verzoeker de omstandigheden die tot de schulden hebben geleid onder controle heeft gekregen.
Verzoeker heeft geen auto meer en beweegt zich voort met een scootmobiel, waardoor nieuwe verkeersboetes onwaarschijnlijk zijn. Ook is de situatie stabiel verklaard door de beschermingsbewindvoerder. Verzoeker toont een serieuze en saneringsgezinde houding. De rechtbank besluit de schuldsaneringsregeling toe te passen voor een termijn van achttien maanden onder voorwaarde van beschermingsbewind.
Uitkomst: Verzoeker wordt toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling onder beschermingsbewind voor achttien maanden.