Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- het verzoekschrift met bijlagen van de man, ingekomen op 10 juni 2024;
- het verweerschrift van de vrouw van 4 juli 2024.
- de man, bijgestaan door zijn advocaat;
- de advocaat van de vrouw;
- de raad voor de kinderbescherming Rotterdam-Dordrecht (hierna: de raad), als adviseur, vertegenwoordigd door [persoon A] ;
- de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming West (hierna: de GI), vertegenwoordigd door [persoon B] en [persoon C] .
2.De vaststaande feiten
- de vrouw is bij uitsluiting gerechtigd tot het gebruik van de echtelijke woning aan de [adres] te Gorinchem;
- de minderjarigen [voornaam minderjarige 1] , [voornaam minderjarige 2] , [voornaam minderjarige 3] en [voornaam minderjarige 4] worden aan de vrouw toevertrouwd;
- de invulling van de zorgregeling tussen de man en [voornaam minderjarige 3] en [voornaam minderjarige 4] wordt aan Coach-Point overgelaten. Ook is aandacht nodig voor de vraag of [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] ruimte hebben voor contactherstel met de man;
- een kinderalimentatie door de man aan de vrouw te voldoen van € 197,- per maand per kind.
3.De beoordeling
4.De beslissing
- de man zal bijdragen in de kosten van verzorging en opvoeding van [voornaam minderjarige 2] tot 1 juni 2024, indien en voor zover de man na die datum ten behoeve van [voornaam minderjarige 2] kinderalimentatie heeft betaald, dient dit bedrag aan de man te worden terugbetaald;
- de man zal bijdragen in de kosten van verzorging en opvoeding van [voornaam minderjarige 3] en [voornaam minderjarige 4] tot 1 juli 2024, indien en voor zover de man na die datum ten behoeve van [voornaam minderjarige 3] en [voornaam minderjarige 4] kinderalimentatie heeft betaald, dient dit bedrag aan de man te worden terugbetaald;
- toekomstige kosten zullen voldaan worden met de kinderbijslag en anders naar rato van draagkracht, berekent volgens de gebruikelijke uitgangspunten van het Rapport Alimentatienormen;