Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 3 juli 2024, met producties 1 tot en met 8;
- de aanvullende producties 9 en 10 van Waterweg Wonen.
Rechtbank Rotterdam
In deze kort geding procedure heeft Stichting Waterweg Wonen een vordering ingesteld tegen de huurder wegens niet-betaalde huur en gebruik van de woning zonder recht. De huurder is niet verschenen, waardoor verstek is verleend.
De kantonrechter oordeelt dat het spoedeisend belang aanwezig is en dat de vorderingen van Waterweg Wonen niet onrechtmatig of ongegrond zijn. De ontruimingstermijn wordt vastgesteld op twee maanden na betekening van het vonnis, omdat een kortere termijn onredelijk zou zijn gezien de omstandigheden en het ontbreken van alternatieve huisvesting.
De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming van de woning, betaling van de openstaande huur, incassokosten, maandelijkse huur tot ontruiming, en proceskosten. Tevens wordt het vonnis uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming binnen twee maanden en betaling van huurachterstand, incassokosten en proceskosten.