ECLI:NL:RBROT:2024:7903
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Intrekking toestemming gastouder vanwege overtreding Wet kinderopvang
Verzoekster beschikt sinds 2018 over een exploitatievergunning als gastouder. Na inspecties van de GGD in november 2023 en mei 2024 constateerde het college dat verzoekster niet voldeed aan de voorwaarden uit de Wet kinderopvang, waaronder opvang op een niet-geregistreerd adres en opvang door vrijwilligers tijdens haar afwezigheid.
Het college trok daarom de toestemming in, waarna verzoekster bezwaar maakte en een voorlopige voorziening vroeg om haar werkzaamheden te mogen voortzetten. De voorzieningenrechter oordeelde dat er weliswaar sprake was van een spoedeisend belang, omdat verzoekster anders haar inkomsten zou verliezen, maar dat het college terecht had geconcludeerd dat zij niet aan de wettelijke voorwaarden voldeed.
De voorzieningenrechter benadrukte dat de overtredingen niet automatisch betekenen dat de situatie onveilig of pedagogisch onverantwoord was, maar dat verzoekster als gastouder zelf de opvang moet verzorgen op het geregistreerde adres. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen en de intrekking blijft van kracht.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de intrekking van de gastoudertoestemming wordt afgewezen.