ECLI:NL:RBROT:2024:804
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering WIA-uitkering na aanvullend medisch onderzoek gegrond verklaard
De rechtbank Rotterdam behandelde het beroep van eiseres tegen de weigering van de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen om een WIA-uitkering toe te kennen. Na een eerdere tussenuitspraak waarin een gebrek in het bestreden besluit werd vastgesteld, heeft verweerder dit gebrek hersteld door aanvullend medisch onderzoek te laten verrichten.
De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft eiseres fysiek onderzocht en op basis daarvan geconcludeerd dat de beperkingen niet zijn toegenomen en dat de medische beoordeling van het bestreden besluit correct is. Eiseres voerde aan dat onvoldoende rekening was gehouden met haar medische situatie, waaronder langdurige ondermaatse huisartsenzorg en het gebruik van een scootmobiel, maar deze argumenten werden door de rechtbank niet gevolgd.
De rechtbank oordeelde dat het aanvullende onderzoek zorgvuldig was en dat de medische beoordeling voldoende gemotiveerd was. De mate van arbeidsongeschiktheid werd terecht vastgesteld op minder dan 35%, waardoor de weigering van de WIA-uitkering terecht was. Het beroep werd gegrond verklaard vanwege het eerdere gebrek, het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen bleven in stand. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand omdat het gebrek is hersteld met aanvullend medisch onderzoek.