ECLI:NL:RBROT:2024:8608

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
3 september 2024
Publicatiedatum
5 september 2024
Zaaknummer
C/10/684241 / KG ZA 24-790
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 139 RvArt. 1019i Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing kort geding voor vernietiging namaakproducten en inzage bescheiden

Bacardi & Company Limited heeft een kort geding aangespannen tegen Newcorp Logistics B.V. wegens de aanwezigheid van 3.600 namaakproducten die onder Newcorp in beslag zijn genomen. Newcorp is niet verschenen tijdens de mondelinge behandeling, waarna verstek is verleend.

De voorzieningenrechter oordeelt dat de vorderingen van Bacardi niet ongegrond of onrechtmatig zijn en wijst deze toe. Newcorp wordt bevolen om medewerking te verlenen aan de afgifte ter vernietiging van de namaakproducten en om inzage te gedogen van bescheiden die onder conservatoir beslag liggen, met inachtneming van privacygevoelige gegevens.

De termijn voor het starten van een bodemprocedure wordt vastgesteld op zes maanden na betekening van het vonnis. Newcorp wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten, die inclusief nakosten zijn begroot op €1.720,42. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Vordering van Bacardi toegewezen; Newcorp wordt bevolen tot vernietiging namaakproducten en inzage bescheiden, met veroordeling in proceskosten.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ROTTERDAM

Team handel en haven
zaaknummer / rolnummer: C/10/684241 / KG ZA 24-790
Vonnis in kort geding van 3 september 2024
in de zaak van
BACARDI & COMPANY LIMITED,
vestigingsplaats: Vaduz (Liechtenstein),
eiseres,
advocaten mrs. N.W. Mulder en S. van Dartel te Amsterdam,
tegen
NEWCORP LOGISTICS B.V.,
vestigingsplaats: Oud-Beijerland,
gedaagde,
die niet is verschenen.
Partijen worden hierna Bacardi en Newcorp genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • de dagvaarding van 16 augustus 2024, met producties EP01 tot en met EP13;
  • producties EP14 tot en met EP16;
  • de mondelinge behandeling op 23 augustus 2024;
  • de spreekaantekeningen van mrs. Mulder en Van Dartel.

2.De beoordeling

2.1.
De voorzieningenrechter verleent verstek tegen Newcorp. Newcorp is namelijk niet verschenen tijdens de mondelinge behandeling, terwijl bij haar oproeping in deze zaak alle wettelijke termijnen en regels in acht zijn genomen.
2.2.
De vorderingen van Bacardi komen de voorzieningenrechter niet ongegrond of onrechtmatig voor. Daarom worden die vorderingen toegewezen (artikel 139 Rv Pro).
2.3.
Newcorp wordt in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Bacardi worden begroot op:
- dagvaarding € 139,42
- griffierecht € 688,00
- salaris advocaat € 715,00 (tarief verstekzaak)
- nakosten €
178,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal € 1.720,42
2.4.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

3.De beslissing

De voorzieningenrechter:
3.1.
beveelt Newcorp om met onmiddellijke ingang na betekening van dit vonnis haar medewerking te verlenen aan de afgifte ter vernietiging van de 3.600 beslagen namaakproducten die zich onder haar bevinden, door deze goederen op eerste verzoek van het door Bacardi ingeschakelde vernietigingsbedrijf Demontage Werkplaats Zeeland B.V. af te geven;
3.2.
beveelt Newcorp om met onmiddellijke ingang na betekening van dit vonnis te gedogen dat een door Bacardi aan te wijzen onafhankelijke derde inzage krijgt in de op 19 juli 2024 in globaal conservatoir beslag genomen bescheiden en, nadat deze bescheiden door deze onafhankelijke derde zijn ontdaan van gegevens die geen enkele verband houden met de in hoofdstuk 5 en paragraaf 7.2 van de dagvaarding gestelde rechtsbetrekkingen, aan Bacardi inzage verstrekt in en afschrift verstrekt van de bescheiden als vermeld in paragraaf 7.3 van de dagvaarding;
3.3.
stelt de termijn waarbinnen Bacardi op grond van artikel 1019i Rv een bodemprocedure aanhangig moet maken op zes maanden na betekening van dit vonnis;
3.4.
veroordeelt Newcorp in de proceskosten van € 1.720,42, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als Newcorp niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, dan moet Newcorp € 92,00 extra betalen, plus de kosten van betekening;
3.5.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. P. de Bruin en in het openbaar uitgesproken op 3 september 2024.
3349 / 2009