Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Van Leeuwen Schoonmaak VLS B.V.,
1.De procedure
- het tussenvonnis van 12 april 2024 en de daarin genoemde stukken;
- de akte van VLS van 16 mei 2024, met bijlage;
- de akte van [eiseres] van 27 juni 2024, met bijlagen.
Rechtbank Rotterdam
In deze zaak vordert eiseres schadevergoeding van haar werkgever VLS wegens een arbeidsongeval waarbij zij letsel opliep doordat zij tussen plotseling dichtgaande liftdeuren kwam. De verzekeraar Starr Europe Insurance Limited is medegedaagde. De rechtbank heeft vastgesteld dat sprake is van een bedrijfsongeval en dat eiseres schade heeft geleden.
De kernvraag was of VLS haar zorgplicht had geschonden door werknemers niet te waarschuwen voor problemen met de lift, met name plotseling dichtgaande deuren. VLS heeft een logboek overgelegd waarin geen meldingen van liftproblemen direct voorafgaand aan het ongeval zijn opgenomen. Eiseres heeft dit logboek betwist, maar zonder concrete onderbouwing, waardoor de rechtbank de juistheid en volledigheid van het logboek aanneemt.
Ook andere overgelegde stukken tonen geen bewijs van frequente of recente problemen met de liftdeuren. De verklaringen betreffen perioden ver voor het ongeval en appcontacten tonen slechts een enkele melding zonder aanwijzing voor een structureel probleem. De rechtbank concludeert dat VLS geen waarschuwingsplicht had en haar zorgplicht niet heeft geschonden.
Daarom is VLS niet aansprakelijk voor de schade van eiseres op grond van artikel 7:658 BW Pro. De vorderingen worden afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten, die worden begroot op € 982,50 met wettelijke rente. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De vorderingen van eiseres worden afgewezen omdat geen zorgplichtschending door de werkgever is vastgesteld.