Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
[persoon A],
1.Het verzoek tot verbetering
2.De beoordeling
verbod heeft gevorderd en de rechtbank in rechtsoverweging 4.14 oordeelt dat die vordering wordt toegewezen.
Rechtbank Rotterdam
In deze civiele zaak tussen [persoon A] c.s. en Visserijbedrijf heeft de rechtbank Rotterdam op 11 september 2024 een herstelvonnis gewezen ter correctie van het vonnis van 28 augustus 2024.
Visserijbedrijf had verzocht om verbetering van het vonnis omdat in de rechtsoverwegingen 4.14 en 5.2 onjuiste termen waren gebruikt: 'gebod' in plaats van 'verbod' en 'gebiedt' in plaats van 'verbiedt'. Deze termen zijn cruciaal omdat Visserijbedrijf in reconventie een verbod op concurrentie had gevorderd en de rechtbank dit ook had toegewezen.
De rechtbank oordeelde dat er sprake was van een kennelijke fout die eenvoudig te herstellen was conform artikel 31 lid 1 Rv Pro. De herstelmaatregel bestond uit het aanpassen van de terminologie in de genoemde rechtsoverwegingen, zodat het vonnis correct weerspiegelt dat een concurrentieverbod is opgelegd.
Daarnaast werd bepaald dat deze wijziging op de minuut van het oorspronkelijke vonnis wordt vermeld en dat partijen de ontvangen vonnisstukken na ontvangst van het herstelvonnis aan de griffie retourneren. Het vonnis is uitgesproken door rechter Th. Veling.
Uitkomst: De rechtbank corrigeert het vonnis door 'gebod' te wijzigen in 'verbod' en 'gebiedt' in 'verbiedt' in verband met het concurrentieverbod.