ECLI:NL:RBROT:2024:9331

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
13 september 2024
Publicatiedatum
23 september 2024
Zaaknummer
11249651 VV EXPL 24-385
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 237 RvArt. 233 RvArt. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontruiming bedrijfsruimte en betaling huurachterstand afgewezen contractuele boete

In deze kortgedingprocedure vordert Amstelkroon ontruiming van een bedrijfsruimte en betaling van een huurachterstand van € 2.148,45, vermeerderd met wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten. De gedaagde verschijnt niet, waardoor verstek wordt verleend.

De kantonrechter acht het spoedeisend belang voldoende aangetoond en wijst de vorderingen tot ontruiming, betaling van de huurachterstand, de maandelijkse huur vanaf oktober 2024 tot ontruiming, en de buitengerechtelijke kosten toe. De gevorderde contractuele boete van € 1.200 wordt afgewezen omdat de huurovereenkomst nog niet is ontbonden en het spoedeisend belang ontbreekt.

De gedaagde wordt tevens veroordeeld tot betaling van de proceskosten van in totaal € 1.289,84, met wettelijke rente bij niet-tijdige betaling. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat het direct kan worden uitgevoerd ondanks eventuele hoger beroep procedures.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot ontruiming bedrijfsruimte, betaling huurachterstand en incassokosten, contractuele boete wordt afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 11249651 VV EXPL 24-385
datum uitspraak: 13 september 2024
Vonnis in kort geding van de kantonrechter
in de zaak van
ONROERENDGOED MAATSCHAPPIJ AMSTELKROON B.V.,
vestigingsplaats: Amsterdam,
eiseres,
gemachtigde: mr. S.I. Herlitscheck,
tegen
[gedaagde],
die tevens handelt onder de naam
[handelsnaam],
woonplaats: [plaatsnaam],
gedaagde,
die niet is verschenen.
De partijen worden hierna ‘Amstelkroon’ en ‘[gedaagde]’ genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • de dagvaarding van 10 augustus 2024, met producties 1 tot en met 6;
  • de akte eiswijziging, met productie 7.
1.2.
Op 6 september 2024 heeft de mondelinge behandeling plaatsgevonden. [gedaagde] is niet verschenen.

2.De beoordeling

2.1.
Bij de dagvaarding zijn de bij de wet voorgeschreven formaliteiten in acht genomen, zodat het gevraagde verstek wordt verleend.
2.2.
Het voor toewijzing van een vordering in kort geding vereiste spoedeisend belang, volgt uit de stellingen van Amstelkroon.
2.3.
De vorderingen komen de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en worden toegewezen voor zover hierna niet anders wordt geoordeeld.
2.4.
Tijdens de mondelinge behandeling heeft Amstelkroon gesteld dat de huidige huurachterstand € 2.148,45 bedraagt, omdat [gedaagde] recent nog € 2.500,- heeft betaald. [gedaagde] wordt daarom veroordeeld om € 2.148,45 te betalen. Dat heeft ook tot gevolg dat zij aan buitengerechtelijke incassokosten € 322,27 moet betalen.
2.5.
Amstelkroon vordert een contractuele boete van in totaal € 1.200,-. Omdat de huurovereenkomst nog niet ontbonden is, acht de kantonrechter toewijzing van dit bedrag voorbarig. Overigens valt ook niet in te zien welk spoedeisend belang Amstelkroon heeft bij de betaling van de boete. De gevorderde boete wordt daarom afgewezen.
2.6.
[gedaagde] moet de proceskosten betalen, omdat zij ongelijk krijgt (artikel 237 Rv Pro). De kantonrechter begroot de kosten die [gedaagde] aan Amstelkroon moet betalen op € 115,84 aan dagvaardingskosten, € 496,00 aan griffierecht, € 543,- aan salaris voor de gemachtigde en € 135,- aan nakosten. Dat is in totaal € 1.289,84. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend.
2.7.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
2.8.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat Amstelkroon dat vordert (artikel 233 Rv Pro). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
verleent verstek tegen de niet verschenen [gedaagde];
3.2.
veroordeelt [gedaagde] om binnen vijf dagen na de datum van dit vonnis de bedrijfsruimte gelegen aan [adres] te doen ontruimen en leeg en ontruimd aan Amstelkroon op te leveren door afgifte van de sleutels;
3.3.
veroordeelt [gedaagde] om binnen vijf dagen na de datum van dit vonnis, tegen behoorlijk bewijs aan kwijting, aan Amstelkroon te voldoen een bedrag van € 2.148,45, te weten de huurachterstand tot en met september 2024, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente van de dag van de dagvaarding;
3.4.
veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de maandelijks door gedaagden aan
eiseres verschuldigde huurprijs van € 1.569,67 vanaf oktober 2024 tot het
moment van ontruiming;
3.5.
veroordeelt [gedaagde] om, binnen vijf dagen na de datum van dit vonnis tegen behoorlijk bewijs aan kwijting, aan Amstelkroon te voldoen een bedrag van € 322,27 als vergoeding voor de gemaakte buitengerechtelijke kosten;
3.6.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 1.289,84, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, dan moet [gedaagde] ook de kosten van betekening betalen,
3.7.
veroordeelt [gedaagde] in de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn voldaan;
3.8.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.9.
wijst al het andere af.
Dit vonnis is gewezen door mr. P. de Bruin en in het openbaar uitgesproken.
[58184/21916]