ECLI:NL:RBROT:2024:9350
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot toepassing schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw en nakoming
Verzoeker heeft op 4 juni 2024 een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. Tijdens de zitting van 4 september 2024 is verzoeker gehoord. Verzoeker ontvangt een PW-uitkering en heeft een schuldenlast van €11.213,12.
De rechtbank beoordeelt dat verzoeker niet te goeder trouw is geweest bij het ontstaan en onbetaald laten van zijn schulden in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek. Dit blijkt onder meer uit verkeersboetes uit 2022 en 2023 die niet te goeder trouw zijn ontstaan. Tevens heeft verzoeker onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij de verplichtingen uit de regeling zal nakomen, aangezien hij geen sollicitaties heeft overgelegd en ter zitting verklaarde niet te solliciteren zonder medische onderbouwing.
De rechtbank concludeert dat verzoeker zijn inspanningsverplichting onvoldoende kan nakomen en dat er geen feiten of omstandigheden zijn die toelating tot de regeling rechtvaardigen. Daarom wordt het verzoek afgewezen. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen acht dagen na uitspraak.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens gebrek aan goede trouw en onvoldoende aannemelijkheid van nakoming.