Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Beschuldiging en kern van dit vonnis
3.Waardering van het bewijs
enandere feitelijkheden [slachtoffer01] (geboren op [geboortedatum02] 1994), heeft gedwongen tot het ondergaan van handelingen die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer01] , hebbende verdachte
enandere feitelijkheden [slachtoffer02] (geboren op [geboortedatum03] 1997) heeft gedwongen tot het ondergaan van handelingen die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer02] , hebbende verdachte
inde borsten van die [slachtoffer02] geknepen en
dezebetast, en
isgevolgd, en
“Ga maar even de kelder in” en “Gewoon even luisteren" en "Als je gewoon rustig blijft
,dan doe ik niks" en
“Als je iets aan iemand vertelt
,dat weet ik waar je woont", en aldus die [slachtoffer02] heeft gedwongen die kelderbox in te gaan, en
4.Verboden gedragingen en strafbaarheid feiten
5.Straf
Eis van de officier van justitie
6.In beslag genomen voorwerpen
7.Vorderingen benadeelde partijen/schadevergoedingsmaatregelen
8.Wettelijke voorschriften
9.Bijlagen
10.Beslissingen in het kort en ondertekening
gevangenisstraf voor de duur van 6 jaren;
- gelast de bewaring ten behoeve van de rechthebbende van het geldbedrag van € 71.500,-;
€ 7.060,26 (zegge: zevenduizend zestig euro en zesentwintig cent),bestaande uit € 60,26 aan materiële schade en € 7.000,- aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 31 augustus 2010 tot aan de dag van de algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van [benadeelde partij01] te betalen
€ 7.060,26(hoofdsom
zegge: zevenduizend zestig euro en zesentwintig cent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 31 augustus 2010 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van € 7.060,26 niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
70 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
€ 6.135,25 (zegge: zesduizend honderdvijfendertig euro en vijfentwintig cent), bestaande uit € 135,25 aan materiële schade en € 6.000,- aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 20 september 2010 tot aan de dag van de algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van [benadeelde partij02] te betalen
€ 6.135,25(hoofdsom
zegge: zesduizend honderdvijfendertig euro en vijfentwintig cent),vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 20 september 2010 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van € 6.135,25 niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
65 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;