Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 29 mei 2024, met bijlagen;
- het antwoord.
Rechtbank Rotterdam
De huurder [gedaagde] huurt sinds 1 maart 2021 een bedrijfsruimte in Vlaardingen van [eiser]. Er is een huurachterstand van €11.906,96 ontstaan, waarvoor [eiser] betaling vordert, inclusief rente, incassokosten, boetes en schadevergoeding. Tevens wordt ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming geëist.
De kantonrechter oordeelt dat de huurachterstand ernstig genoeg is voor ontbinding van de huurovereenkomst, mede gezien de achterstand van acht maanden. De stelling van gebreken aan de bedrijfsruimte door [gedaagde] wordt verworpen vanwege gebrek aan onderbouwing en het toepasselijke risico op herstel volgens de algemene huurvoorwaarden.
De huurovereenkomst wordt ontbonden en [gedaagde] moet binnen veertien dagen ontruimen en een gebruiksvergoeding betalen tot de ontruiming. De gevorderde contractuele boetes worden voor de helft toegewezen omdat cumulatie niet is overeengekomen. Rente wordt deels toegewezen, waarbij rente over de periode tot mei 2024 wordt afgewezen vanwege het boetebeding.
Incassokosten worden toegewezen en proceskosten worden aan [gedaagde] opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat het direct kan worden uitgevoerd.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden, huurachterstand en gedeeltelijke boetes worden toegewezen en ontruiming van de bedrijfsruimte wordt bevolen.