Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- verzoekster;
- mevrouw A. Shangur, werkzaam bij Geldplein (hierna: schuldhulpverlening);
- [naam 1], re-integratie coach en tolk;
- [naam 2] en [naam 3], namens ING.
Rechtbank Rotterdam
Verzoekster diende een verzoek in op grond van artikel 287a Faillissementswet om ING Bank te bevelen in te stemmen met een door haar aangeboden schuldregeling. De regeling hield in dat geen uitdeling aan schuldeisers zou plaatsvinden en dat schulden werden kwijtgescholden, gebaseerd op haar ziektewetuitkering. Zes van de zeven schuldeisers gingen akkoord, ING Bank niet.
ING Bank betwistte de redelijkheid van de weigering en stelde dat essentiële informatie ontbrak over de financiële situatie en afloscapaciteit van verzoekster. De rechtbank stelde vast dat verzoekster kampt met medische en psychische klachten, waardoor geen verbetering van haar afloscapaciteit te verwachten is. Het voorstel werd getoetst door een onafhankelijke partij en was goed gedocumenteerd.
De rechtbank oordeelde dat het belang van verzoekster en de meerderheid van schuldeisers zwaarder weegt dan dat van ING Bank. Daarom werd ING Bank bevolen in te stemmen met de schuldregeling. Het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling werd afgewezen omdat geen uitdeling te verwachten is en de kosten daarvan disproportioneel zijn.
Uitkomst: ING Bank wordt bevolen in te stemmen met de door verzoekster aangeboden schuldregeling.