De gecertificeerde instelling Leger des Heils Jeugdbescherming verzocht om machtiging tot uithuisplaatsing van drie minderjarige kinderen voor de duur van negen maanden vanwege zorgen over de veiligheid en opvoedvaardigheden van de moeder. De kinderen wonen bij hun moeder en staan sinds mei 2025 onder toezicht.
De moeder, die de Nederlandse taal onvoldoende machtig is en met behulp van een Poolse tolk werd gehoord, verzocht om afwijzing van de verzoeken en benadrukte dat zij nog niet de kans heeft gehad om te profiteren van de ondertoezichtstelling en hulpverlening. Zij erkende verleden drugsgebruik, maar gaf aan hulp te ontvangen bij administratie en geen verdere hulp nodig te hebben.
De kinderrechter overweegt dat een uithuisplaatsing noodzakelijk moet zijn in het belang van de kinderen, maar dat de noodzaak momenteel onvoldoende is gebleken. De dreigende uithuiszetting is mogelijk geschorst, waardoor uithuisplaatsing niet direct noodzakelijk is. De moeder moet echter wel meewerken aan hulpverlening om de situatie te verbeteren.
De kinderen hebben gesproken met de kinderrechter en gaven openheid over de situatie. De kinderrechter benadrukt dat de moeder eerlijk moet zijn over haar situatie en hulp moet accepteren. De verzoeken tot machtiging tot uithuisplaatsing worden afgewezen, waarbij de moeder een kans krijgt om met hulpverlening samen te werken.