Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 28 januari 2025 in de zaak tussen
[eiser 2], uit Rotterdam, eisers
de Raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank, de SVB
Inleiding
Totstandkoming van het besluit
Beoordeling door de rechtbank
.
Rechtbank Rotterdam
Eisers hebben een Woo-verzoek ingediend bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB) voor openbaarmaking van documenten over afspraken met advocatenkantoren in Turkije. De SVB heeft dit verzoek deels ingewilligd, maar bepaalde informatie achtergehouden vanwege het belang van vertrouwelijkheid en bescherming van persoonlijke levenssfeer.
Eisers stelden dat er meer documenten zijn dan verstrekt en dat een Europese aanbesteding had moeten plaatsvinden. De rechtbank oordeelt dat de SVB aannemelijk heeft gemaakt dat er geen aanvullende documenten zijn en dat de niet-openbaarmaking van namen van advocaten en notarissen terecht is vanwege privacy en het functioneren van de SVB.
Wel heeft de SVB ten onrechte enkele documenten niet openbaar gemaakt die al eerder in een soortgelijk verzoek waren vrijgegeven. Dit vormt een schending van het zorgvuldigheidsbeginsel, waardoor het bestreden besluit wordt vernietigd. Omdat de SVB toezegt deze documenten alsnog openbaar te maken, blijven de rechtsgevolgen van het besluit in stand.
De rechtbank veroordeelt de SVB tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eisers. De uitspraak is gedaan door rechter M. Zoethout op 28 januari 2025.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens niet-openbaarmaking van documenten, maar de rechtsgevolgen blijven in stand omdat de SVB toezegt alsnog openbaar te maken.