Partijen exploiteerden samen een dermatologiepraktijk, gevestigd in een bedrijfsruimte die eiser reeds huurde. De samenwerking, gestart in het najaar van 2022 en officieel geopend op 25 februari 2023, werd in november 2023 beëindigd. Eiser vordert betaling van bedragen die hij in de opstartfase en voor vaste lasten heeft voorgeschoten, op grond van een 50/50 verdeling van kosten en opbrengsten.
De kantonrechter stelt vast dat de 50/50 afspraak geldt en dat gedaagden onvoldoende hebben onderbouwd dat deze is gewijzigd. Eiser heeft onbetwist stukken overgelegd waaruit blijkt dat hij €5.000,- inleg en €5.614,- aan investeringen deed, evenals €11.021,49 aan vaste lasten betaalde. Deze bedragen worden toegewezen met wettelijke rente.
Een deel van de vordering (€3.364,51) wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing, waaronder een aan eiser gecedeerde vordering van Inter Cam en kosten gerelateerd aan een zorgnota. Het beroep op verrekening door gedaagden faalt omdat geen rechtsgeldige afspraak is vastgesteld.
De proceskosten van €1.032,81 worden aan gedaagden opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van het toegewezen bedrag met rente.