ECLI:NL:RBROT:2025:11837
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wraking rechter afgewezen wegens niet-tijdigheid
Verzoekster diende een wrakingsverzoek in tegen mr. E.A. Vroom, rechter in een civiele zaak over een huurovereenkomst. De wrakingsgronden zijn gebaseerd op gedragingen en uitlatingen van de rechter tijdens een zitting op 21 mei 2024.
Het verzoek werd echter pas op 11 september 2025 ingediend, ruim anderhalf jaar later. Volgens artikel 37 lid 1 Rv Pro moet een wrakingsverzoek onmiddellijk worden gedaan zodra de feiten en omstandigheden bekend zijn, met slechts een korte beraadtermijn toegestaan.
De wrakingskamer oordeelt dat het verzoek evident te laat is ingediend. De wisseling van gemachtigden doet hieraan niet af, aangezien verzoekster zelf aanwezig was bij de zitting en tijdig had moeten reageren.
Daarom verklaart de wrakingskamer het verzoek niet-ontvankelijk en wijst het af zonder mondelinge behandeling. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening.