3.1.[eisers] vorderen – na eiswijziging – bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:
i. a. primair: een onafhankelijk waarderingsdeskundige (Register Valuator) aan te wijzen
teneinde de overeengekomen waardering en afrekening voort te zetten en af te ronden (als bedoeld in de vaststellingsovereenkomst d.d. 21 september 2023);
b. subsidiair: [gedaagden] hoofdelijk te veroordelen binnen 7 dagen na betekening van het vonnis in deze per e-mail aan het secretariaat van het NiRV via emailadres [e-mailadres] te verzoeken tot aanwijzing van een onafhankelijk persoon (Register Valuator) als deskundige, en het op verzoek van het NiRV en binnen door het NiRV redelijk te stellen termijnen alle door het NiRV verzochte medewerking en informatie verschaffen die het NiRV nodig of dienstig acht voor het aanwijzen van een deskundige, alles met cc of afschrift aan de advocaat van [eisers];
c. primair en subsidiair: te bepalen dat deze aangewezen onafhankelijk persoon zal gelden als deskundige als ware deze persoon aangewezen als deskundige conform artikel 1 van de Vaststellingsovereenkomst;
ii. [gedaagden] hoofdelijk te veroordelen:
om binnen door de aangewezen deskundige te bepalen redelijke termijnen een overeenkomst van opdracht te ondertekenen met de aangewezen deskundige als opdrachtnemer en [eisers] als mede-opdrachtgevers, met de strekking en met inachtneming van de artikelen 1, 2, 6, 7 en 8 van de Vaststellingsovereenkomst en aangevuld met redelijke bepalingen van de deskundige;
de aldus gesloten overeenkomst van opdracht met de deskundige te gehengen en te gedogen en de verplichtingen van [gedaagden] uit hoofde van deze overeenkomst na te komen binnen redelijke door de deskundige te bepalen termijnen; en
tot verdere nakoming van de artikelen 3 t/m 6 en 9 van de Vaststellingsovereenkomst.
iii. [gedaagden] hoofdelijk te veroordelen tot betaling van een dwangsom van € 5.000,00 per dag of gedeelte van de dag dat [gedaagden] geheel of gedeeltelijk in overtreding zijn met het gevorderde onder i. sub b. en ii., totdat een maximum van € 250.000,00 is bereikt;
iv. [gedaagde 6] en [gedaagde 5], [gedaagde 1] en [gedaagde 4] bij wijze van voorschot hoofdelijk te veroordelen jegens [eiser 1] tot betaling binnen één week na betekening van dit vonnis van een bedrag van € 250.000,00;
v. te bepalen dat over niet-tijdig betaalde bedragen wettelijke handelsrente verschuldigd is
vanaf de vervaldatum tot aan de dag van algehele voldoening;
vi. [gedaagden] hoofdelijk te veroordelen in de proceskosten, te vermeerderen met de wettelijke rente.