Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 10 februari 2025, met bijlagen;
- het antwoord;
- de op de zitting overgelegde specificatie van de huurachterstand van Havensteder.
Rechtbank Rotterdam
De zaak betreft een geschil tussen Stichting Havensteder en een huurder uit Capelle aan den IJssel over een aanzienlijke huurachterstand van €9.260,55. Havensteder vordert betaling van de achterstand en ontbinding van de huurovereenkomst. De huurder erkent niet volledig de hoogte van de achterstand, maar levert geen bewijs ter onderbouwing.
De kantonrechter oordeelt dat de huurovereenkomst ontbonden wordt wegens niet tijdige betaling van de huur, conform artikel 6:265 BW Pro. De huurachterstand is ruim dertien maanden en is tijdens de procedure opgelopen, zonder uitzicht op volledige aflossing. De huurder wordt veroordeeld tot betaling van de achterstand en moet de woning binnen veertien dagen ontruimen.
Tot de ontruiming dient de huurder een gebruiksvergoeding van €711,87 per maand te betalen. De proceskosten van €1.501,45 komen voor rekening van de huurder. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, maar Havensteder zal het vonnis niet ten uitvoer leggen indien binnen drie maanden een schuldhulpverleningsaanbod tot afbetaling komt en de lopende huur tijdig wordt voldaan.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en de huurder wordt veroordeeld tot betaling van de huurachterstand en ontruiming binnen veertien dagen.