Uitspraak
RECHTBANK Rotterdam
1..[persoon A] ,2. [persoon B] ,
1.De zaak in het kort
2.De procedure
- het deskundigenbericht,
3.De verdere beoordeling
Inleiding
- “Een correctieve laparotomie op 16 september 2009 (de rechtbank leest: 16 juni 2009) waarbij een haast tweemaal hogere dosis dan voor deze kinderen gebruikelijke hoeveelheid ropivacaïne in de epidurale ruimte is aangebracht, waarna en waardoor er een periode van 70 minuten is ontstaan met een zeer lage bloeddruk (< 30 mm Hg) en een sterke bradycardie (waarden: < 110) waarop onvoldoende corrigerende maatregelen zijn genomen.”;
- “Tijdens de operatie was er een twee keer hogere dosis ropivacaïne epiduraal toegediend wat waarschijnlijk tot een langdurige bloeddrukdaling en bradycardie heeft geleid. De leverfunctiestoornissen en ondervoedingstoestand zullen hier eveneens een rol hebben gespeeld. De lage bloeddruk was ons inziens mede veroorzaakt door het toedienen van een te hoge dosis ropivacaïne versterkt. Tevens waren de effecten van deze overdosering versterkt door de slechte voedingstoestand en leverfunctiestoornissen. Wij concluderen derhalve dat het aannemelijk is dat hersenbeschadiging tijdens de operatie is ontstaan ten gevolge van een lage bloeddruk.”
- “Het zou heel goed mogelijk zijn geweest dat de bloeddruk tijdens de operatie ook gedaald was als de ‘hoog volume caudaal’ niet gebruikt was. De voedings-, en gezondheidstoestand van [naam minderjarige] was slecht, en dan is het risico op een lage bloeddruk tijdens anesthesie groot.”
: Dr. [persoon C] en dr. [persoon D] hebben een rapport uitgebracht dat voor partijen bindend is. U dient bij de beantwoording van de volgende vragen daarom uit te gaan van dat rapport en hun conclusie. Het toedienen van de door [persoon C] en [persoon D] besproken hoeveelheid ropivacaïne en het niet nemen van voldoende corrigerende maatregelen zijn door het ziekenhuis erkend als beroepsfout. Dat dient u als uitgangspunt te hanteren (ook dus als u dat zelf niet als fout ziet, daarbij nuances zou willen plaatsen, vragen hebt etc.).
Het staat echter wel vast dat de 70 minuten durende periode van circulatoire shock een zeer nadelige invloed op organen waaronder de hersenen heeft veroorzaakt. Het is niet in te schatten of de aanvullende maatregelen die getroffen zouden kunnen worden om de lage bloeddruk te verhogen (extra vulling, starten intropica) wel voldoende effect zouden hebben.
- in conventie de gevorderde verklaring voor recht en verwijzing naar de schadestaatprocedure als na te melden toewijst (zie 3.30 en 3.31);
- in reconventie de gevorderde verklaring van recht dat EMC jegens [persoon A] aansprakelijk is op grond van secundaire victimisatie als na te melden deels toewijst (zie 3.39 t/m 3.45) en de overige vorderingen afwijst (zie 3.22, 3.30 en r.o. 4.9 van het tussenvonnis 14 september 2022).