Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- het verzoekschrift met bijlagen van de man, ingekomen op 26 september 2024;
- het verweerschrift tevens zelfstandig verzoek met bijlagen, ingekomen op 7 januari 2025;
- het verweerschrift op het zelfstandig verzoek met bijlagen, ingekomen op 4 maart 2025;
- het aanvullend verzoek met bijlagen van de man, ingekomen op 5 juni 2025;
- het aanvullend zelfstandig verzoek met bijlagen van de vrouw, ingekomen op 5 juni 2025;
- het bericht met bijlagen van de vrouw van 18 juni 2025.
- de man, bijgestaan door zijn advocaat;
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat;
- de raad voor de kinderbescherming Rotterdam-Dordrecht (hierna: de raad), als adviseur, vertegenwoordigd door [persoon A] .
2.De vaststaande feiten
- het uitsluitend gebruik van de woning is toegekend aan de man;
- de man is bevolen de goederen strekkend tot het dagelijks gebruik van de vrouw aan haar beschikbaar te stellen;
- de minderjarige is toevertrouwd aan de vrouw;
- de door de man te betalen bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige (hierna ook: kinderbijdrage) is bepaald op € 118,- per maand;
- partijen zijn verwezen naar het Uniform Hulpaanbod.
3.De beoordeling
4.De beslissing
- met ingang van 21 juni 2025 verblijft de minderjarige vier zaterdagmiddagen tot zondagochtend 9.30 uur na het ontbijt bij de man;
- daarna zal de minderjarige om het weekend van zaterdag 10.00 uur tot zondagavond bij de man verblijven, alsmede een doordeweeks dagdeel per week onderling af te spreken. Het eerste weekend is dat van 26 en 27 juli 2025, het eerste wekelijkse dagdeel valt in de week van 14 tot en met 18 juli.