De man en vrouw zijn ouders van een minderjarige met een lichamelijke en verstandelijke beperking die sinds maart 2023 in een zorginstelling verblijft. De man verzocht om gezamenlijk gezag, terwijl de vrouw dit slechts onder voorwaarden wilde toestaan vanwege bezwaren over essentiële beslissingen, met name reanimatie.
De rechtbank overwoog dat gezamenlijk gezag het wettelijke uitgangspunt is en dat de ouders in staat zijn tot goede communicatie en overleg over de minderjarige. Hoewel er discussie bestaat over spoedeisende medische beslissingen, acht de rechtbank dit geen reden om het verzoek af te wijzen.
De rechtbank wijst het primaire verzoek tot gezamenlijk gezag toe en wijst het subsidiaire verzoek tot een informatie- en consultatieregeling af. Beide ouders worden gezamenlijk belast met het gezag en dragen elk hun eigen proceskosten.