ECLI:NL:RBROT:2025:13430

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
31 oktober 2025
Publicatiedatum
20 november 2025
Zaaknummer
11556425 CV EXPL 25-3848
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:82 BWArt. 6:83 BWArt. 6:96 BWArt. 237 RvArt. 233 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vordering tot vergoeding onderzoek- en herstelkosten wegens non-conformiteit versnellingsbak

Eiser kocht een tweedehands Nissan Qashqai met circa 16.000 km van Autopromenade. Na circa 37.000 km ontstond een bijgeluid uit de versnellingsbak. De Geschillencommissie Voertuigen verklaarde de klacht ongegrond omdat onvoldoende was aangetoond dat het gebrek bij aflevering bestond.

Eiser liet een deskundigenrapport opstellen waaruit bleek dat de schade aan de tandwielen van de primaire as al bij levering aanwezig was. Verkoper weigerde herstel en betaling van kosten, stellende dat eiser na het bindend advies niet ontvankelijk zou zijn.

De kantonrechter oordeelde dat eiser wel ontvankelijk is omdat het bindend advies geen gezag van gewijsde heeft over het gebrek. Verkoper is in verzuim geraakt door haar mededeling geen herstel te zullen uitvoeren. Er is sprake van non-conformiteit en verkoper moet de herstel- en onderzoekskosten vergoeden. De tegenvordering van verkoper wordt afgewezen.

Uitkomst: Verkoper wordt veroordeeld tot betaling van onderzoek- en herstelkosten wegens non-conformiteit versnellingsbak.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 11556425 CV EXPL 25-3848
datum uitspraak: 31 oktober 2025
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
[eiser],
woonplaats: Hoek van Holland (gemeente Rotterdam),
eiser in conventie,
verweerder in reconventie,
gemachtigden: mr. H. Eddaouidi-Jouhri en mr. T.J. Wurpel,
tegen
Autopromenade Abswoude B.V.,
vestigingsplaats: Noordwijk,
gedaagde in conventie,
eiseres in reconventie,
gemachtigde: mr. M.A. Lasschuit.
De partijen worden hierna ‘[eiser]’ en ‘Autopromenade’ genoemd.

1.De procedure

Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • de dagvaarding van 10 februari 2025, met bijlagen;
  • het antwoord met eis in reconventie (tegeneis), met bijlagen;
  • de repliek in conventie, met antwoord in reconventie, met bijlagen;
  • de dupliek in conventie, met repliek in reconventie,
  • de dupliek in reconventie.

2.De beoordeling

Waar gaat deze zaak over?
2.1.
[eiser] heeft op 15 juli 2021 een tweedehands auto (Nissan Qashqai) van Autopromenade gekocht, met een kilometerstand van ongeveer 16.000. Op 24 juli 2021 is de auto door Autopromenade aan [eiser] geleverd. [eiser] heeft een koopsom van € 26.118,50 aan Autopromenade betaald.
2.2.
Op 6 oktober 2022 heeft [eiser] zich bij Autopromenade gemeld vanwege een bijgeluid uit de versnellingsbak. De auto had toen een kilometerstand van ongeveer 37.000. Volgens [eiser] heeft Autopromenade op dat moment aan [eiser] gemeld dat zij niets voor hem kon betekenen, omdat de garantietermijn was verstreken en zij geen Nissan-dealer meer was. Autopromenade zou [eiser] naar de importeur hebben doorverwezen.
2.3.
[eiser] heeft zich tot de Geschillencommissie Voertuigen gewend. Op 20 oktober 2023 heeft de Geschillencommissie uitspraak gedaan. De Geschillencommissie heeft de verzoeken van [eiser] ongegrond verklaard. Over de klachten over de versnellingsbak (de bijgeluiden) overweegt de Geschillencommissie onder meer:
“Wanneer de consument de ondernemer aansprakelijk houdt voor herstel van een klacht, is het in beginsel aan de consument om te stellen dat de ondernemer is tekortgeschoten door bij aflevering een auto te leveren die op dat moment al een gebrek vertoonde. De commissie is van oordeel dat dat in dit geval niet in voldoende mate is aangetoond. Uit de omstandigheid dat na vervanging van de versnellingsbak ruim 23.000 kilometer zonder klachten met de auto is gereden volgt in elk geval dat geen (grove) fouten zijn gemaakt bij het monteren van de versnellingsbak. Zou dat zo zijn geweest, dan had de versnellingsbak veel eerder en veel ernstiger klachten moeten geven.
Zo lang niet is aangetoond wat het gebrek is en dat het aannemelijk is dat dit bij aflevering al aanwezig moet zijn geweest, kan een aansprakelijkheid van de ondernemer voor herstel(kosten) niet worden aangenomen. De enkele omstandigheid dat de versnellingsbak nu geluid maakt is daarvoor niet voldoende, omdat hier diverse oorzaken aan ten grondslag kunnen liggen. Omdat het de consument is die de aansprakelijkheid van de ondernemer zal moeten aantonen, komen daartoe te maken diagnosekosten in beginsel voor rekening van de consument. Volgt uit de diagnose dat de consument inderdaad een gebrekkige auto geleverd heeft gekregen en de ondernemer aansprakelijk is voor herstel(kosten), dan komen de diagnosekosten als redelijke kosten tot vaststelling van aansprakelijkheid op grond van het bepaalde in artikel 6:96, lid 2 aanhef en onder b BW alsnog voor rekening van de ondernemer.
Voor het onderhavige geschil betekent het voorgaande dat de commissie tot op heden geen gronden zijn gebleken om de ondernemer tot herstel gehouden te achten. Onmiskenbaar is dat in de versnellingsbak een geluid hoorbaar is, maar de oorzaak daarvan kan pas na een verdere diagnose worden gesteld. Zoals hiervoor is overwogen, komen de daarmee gemoeide kosten allereerst voor rekening van de consument. De klacht zoals die nu voorligt is daarom ongegrond. (…)”
2.4.
[eiser] heeft vervolgens onderzoek laten doen naar de versnellingsbak door EAW. Volgens EAW worden de bijgeluiden veroorzaakt door schade aan de tandwielen op de primaire as van de auto en zou die schade zijn ontstaan bij de revisiewerkzaamheden (in 2020), waarbij geloste deeltjes in of tussen de lagering terecht zijn gekomen.
2.5.
[eiser] vindt dat sprake is van non-conformiteit en dat Autopromenade daarom de onderzoeks- en herstelkosten aan hem moet vergoeden. De onderzoekskosten bedragen in totaal € 1.496,25 en de herstelkosten € 5.592,14. Dit maakt een totaalbedrag van € 7.088,39.
2.6.
Autopromenade vindt dat zij de gevorderde kosten niet aan [eiser] hoeft te betalen. Volgens haar kan [eiser] na het bindend advies van de Geschillencommissie geen (nieuwe) vorderingen meer instellen bij de burgerlijke rechter en is hij daarom niet-ontvankelijk. Daarnaast beroept zij zich erop dat zij niet in gebreke is gesteld door [eiser]. Omdat zij geen gelegenheid heeft gehad om de auto zelf te herstellen, kan [eiser] nu geen vervangende schadevergoeding eisen. Tot slot vindt zij dat nog steeds niet vast staat dat sprake is van een gebrek aan de auto dat al op het moment van de levering bestond.
[eiser] is ontvankelijk
2.7.
De kantonrechter moet allereerst beoordelen of [eiser] nog wel ontvankelijk is in zijn vordering, omdat er al een oordeel is gegeven door de Geschillencommissie. Volgens Autopromenade is daarmee een onaantastbaar oordeel gegeven over de vordering die [eiser] nu in deze procedure heeft ingesteld.
2.8.
De kantonrechter oordeelt dat [eiser] (wel) ontvankelijk is in zijn verzoek, omdat uit het bindend advies blijkt dat hiermee geen definitief, volledig oordeel is gegeven over de gebrekkigheid van de auto. De vraag of een uitspraak tussen partijen gezag van gewijsde heeft, wat betekent dat niet op grond van dezelfde feiten en bewijsmiddelen dezelfde rechtsvraag ter beoordeling kan worden voorgelegd, moet worden beantwoord door die uitspraak uit te leggen (mede in het licht van de gedingstukken van die zaak). Dat is door de Hoge Raad geoordeeld in zijn arrest van 18 december 2020 (ECLI:NL:HR:2020:2099, r.o. 3.1.3).
2.9.
De kantonrechter oordeelt dat de uitspraak van de Geschillencommissie zo moet worden uitgelegd dat deze tussen partijen geen gezag van gewijsde heeft in die zin dat [eiser] zijn klachten over de versnellingsbak niet (meer) aan de burgerlijke rechter mag voorleggen. De Geschillencommissie heeft allereerst geoordeeld dat [eiser] met zijn klachten over de auto bij Autopromenade moet zijn en niet bij een andere dealer of de importeur. Autopromenade heeft immers mogelijk een gebrekkige auto aan [eiser] geleverd. Als er sprake is van een gebrek, dan draagt Autopromenade de gevolgen daarvan.
2.10.
Vervolgens heeft de Geschillencommissie geoordeeld dat er op dat moment onvoldoende informatie beschikbaar was waaruit bleek dat ten tijde van de levering sprake was van een gebrek aan de auto. Alleen om die reden is de klacht van [eiser] ongegrond verklaard. Dit oordeel – en met name de reikwijdte daarvan – laat de weg open voor [eiser] om Autopromenade alsnog aan te spreken op het gebrek nadat de oorzaak daarvan is vastgesteld. Dit alles natuurlijk wel binnen de grenzen van de koopovereenkomst, bijbehorende voorwaarden en de wet.
2.11.
Het voorgaande betekent ook dat [eiser] het bindend advies niet hoeft te laten vernietigen. Het antwoord op de vragen binnen welke termijn en op welke gronden dat mogelijk was geweest, is daarom niet relevant.
2.12.
Autopromenade heeft geen andere gronden aangevoerd waarom [eiser] zijn vordering niet op dit moment bij deze rechter kon instellen. De rechter zal dan ook een inhoudelijk oordeel geven.
Autopromenade is in verzuim
2.13.
Autopromenade beroept zich erop dat als [eiser] al ontvankelijk is, hij geen aanspraak kan maken op vergoeding van kosten, omdat Autopromenade niet in verzuim is. De kantonrechter oordeelt dat dit wel het geval is. Het is juist dat na de uitspraak van de Geschillencommissie een nieuwe situatie is ontstaan en dat de mededeling van Autopromenade van 6 oktober 2022 dat zij geen herstel kon/wilde uitvoeren geen verzuim (meer) kan opleveren. Autopromenade is echter door haar e-mail aan de gemachtigde van [eiser] van 1 augustus 2024 (alsnog) in verzuim geraakt.
2.14.
De gemachtigde van [eiser] heeft Autopromenade op 27 mei 2024 een brief gestuurd, waarin zij Autopromenade heeft gesommeerd om de onderzoekskosten van in totaal € 1.496,25 te betalen en om binnen veertien dagen aansprakelijkheid te erkennen ten aanzien van de in de brief genoemde gebreken aan de auto, zodat [eiser] een afspraak zou kunnen maken bij garage Zeeuw & Zeeuw voor de herstelwerkzaamheden. Hoewel dit inderdaad geen ingebrekestelling als bedoeld in artikel 6:82 lid 1 BW Pro is, omdat Autopromenade niet in de gelegenheid is gesteld om het gebrek zelf te (laten) verhelpen, heeft Autopromenade op 1 augustus 2024 per e-mail op deze brief gereageerd. In deze e-mail schrijft zij:
“Wij conformeren ons aan deze bindende uitspraak. De uitspraak is duidelijk. Wij wijzen uw vordering dan ook af.”Met “deze bindende uitspraak” doelt Autopromenade op de uitspraak van de Geschillencommissie.
2.15.
Deze mededeling van Autopromenade is een mededeling als bedoeld in artikel 6:83 aanhef Pro en onder c BW, waaruit [eiser] heeft moeten afleiden dat Autopromenade haar herstelverplichting niet zal nakomen. Autopromenade heeft zich immers (steeds) ondubbelzinnig op het standpunt gesteld dat voor haar de kwestie met de uitspraak van de Geschillencommissie afgedaan was en dat zij niet van plan was om nog iets voor [eiser] te doen.
Er is sprake van non-conformiteit
2.16.
De kantonrechter oordeelt dat sprake is van non-conformiteit. Vast staat dat het bijgeluid – zo blijkt uit het expertiserapport van EAW – het gevolg is van een beschadiging op het tandwiel / de tandwielen op de primaire as, waardoor gelost materiaal tussen de tandwielen terecht is gekomen. Die beschadiging was aanwezig ten tijde van de koop van de auto. [eiser] had mogen verwachten dat hij een auto geleverd kreeg zonder een toen al aanwezig gebrek dat op een later moment bijgeluiden gaat produceren. Dat dit gevolg zich pas na 20.000 km heeft geopenbaard, betekent niet dat het gebrek waar het om gaat ook pas na 20.000 km is ontstaan. EAW heeft verklaard waarom het geluid pas vanaf dat moment te horen was.
2.17.
De kantonrechter gaat uit van de juistheid van de bevindingen van EAW, de deskundige die [eiser] heeft ingeschakeld. Dat Autopromenade niet bij dit onderzoek aanwezig is geweest, doet niet af aan de bevindingen. Autopromenade heeft, hoewel zij daar in deze procedure wel de gelegenheid voor had, haar bedenkingen tegen dit rapport niet genoeg handen en voeten gegeven.
2.18.
Autopromenade heeft de deskundigheid van EAW niet ter discussie gesteld. Zij heeft wel twijfels geuit of EAW de juiste versnellingsbak heeft onderzocht. EAW heeft in het rapport de gegevens van de versnellingsbak vermeld. Autopromenade bevestigt in haar conclusie van antwoord (randnummer 53) dat zij een nieuwe versnellingsbak in de auto heeft gemonteerd, die door Nissan aan haar is geleverd. Autopromenade zal zelf dan beschikken over de gegevens van deze versnellingsbak en had aan de hand van die gegevens kunnen laten zien dat het om een andere versnellingsbak gaat, als zij inderdaad meent dat EAW niet de juiste bak heeft onderzocht. Dat heeft zij echter niet gedaan. De kantonrechter heeft mede daarom geen enkele reden om te twijfelen dat EAW de juiste versnellingsbak heeft onderzocht.
2.19.
De kantonrechter ziet ook geen reden om te twijfelen aan de registratie in Autofiche, waaruit blijkt dat de versnellingsbak op enig moment gereviseerd is. Volgens Autopromenade kan dat niet kloppen, maar ook hier geldt dat zij degene is die de versnellingsbak heeft geplaatst en die gegevens kan aanleveren waaruit blijkt dat het om een nieuwe versnellingsbak zou gaan en niet om een gereviseerde. Dat heeft zij echter niet gedaan. Los hiervan geldt dat ongeacht of het gaat om een nieuwe of een gereviseerde versnellingsbak, vast staat dat schade is ontstaan aan de tandwielen en [eiser] dat als koper van een auto met relatief weinig kilometers op de teller niet hoefde te verwachten. Autopromenade is, zoals ook de Geschillencommissie al overwoog, als verkoper aansprakelijk voor dit gebrek aan de auto.
2.20.
[eiser] heeft overigens op tijd bij Autopromenade geklaagd over het gebrek aan de auto. Hij is met de auto teruggekomen op het moment dat hij bijgeluiden hoorde. Dat toen de garantietermijn al verstreken was, is niet relevant. Non-conformiteit kan zich ook pas buiten een contractuele garantietermijn openbaren. Het is vervolgens steeds Autopromenade geweest die de boot heeft afgehouden. Dat pas in 2024 een deskundigenrapport is opgemaakt, is daarom geen reden om te oordelen dat [eiser] niet op tijd heeft geklaagd.
2.21.
Omdat er sprake is van non-conformiteit en van verzuim van Autopromenade, moet zij de schade die [eiser] lijdt vergoeden. Die schade bestaat uit de herstelkosten die [eiser] heeft moeten maken. Autopromenade heeft de hoogte van deze kosten niet betwist. Het gevorderde bedrag van € 5.592,14 wijst de kantonrechter daarom toe.
Autopromenade moet de onderzoekskosten betalen
2.22.
Autopromenade is op grond van artikel 6:96 lid Pro verplicht om de onderzoekskosten te vergoeden, nu het gaat om kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid. Autopromenade heeft de hoogte van de kosten niet betwist en deze komen de kantonrechter niet onredelijk hoog voor. Daarom wijst de kantonrechter het gevorderde bedrag van in totaal € 1.496,25 toe
De tegenvordering wordt afgewezen
2.23.
Autorpromenade heeft in reconventie nakoming van het bindend advies door [eiser] gevorderd. Zij heeft deze vordering onderbouwd met de stelling dat het [eiser] niet vrij staat om na het bindend advies nog een procedure bij de burgerlijke rechter te starten. De kantonrechter heeft daarover al een oordeel gegeven en geoordeeld dat [eiser] ontvankelijk is in deze procedure. Daarom wijst de kantonrechter de tegenvordering af.
[eiser] moet de proceskosten betalen
2.24.
De proceskosten komen voor rekening van Autopromenade, omdat zij ongelijk krijgt (artikel 237 Rv Pro). De kantonrechter begroot de kosten die Autopromenade in conventie aan [eiser] moet betalen op € 149,02 aan dagvaardingskosten, € 257,- aan griffierecht en € 678,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten × € 339,-).Voor kosten die [eiser] maakt na deze uitspraak moet Autopromenade een bedrag betalen van € 135,-. Dat is in totaal € 1.209,02. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend. In reconventie worden de proceskosten gecompenseerd, omdat geen inhoudelijk debat is gevoerd over die vordering.
Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad
2.25.
Dit vonnis wordt voor zover het de proceskostenveroordeling betreft uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat [eiser] dat eist en Autopromenade daar geen bezwaar tegen heeft gemaakt (artikel 233 Rv Pro). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.

3.De beslissing

De kantonrechter:
in conventie:
3.1.
veroordeelt Autopromenade aan [eiser] te betalen € 7.088,39;
3.2.
veroordeelt Autopromenade in de proceskosten in conventie, die aan de kant van [eiser] worden begroot op € 1.219,02;
3.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
in reconventie:
3.4.
wijst de vordering af;
3.5.
compenseert de proceskosten.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Fiege en in het openbaar uitgesproken.
51909