ECLI:NL:RBROT:2025:13650
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Beschikking over verschoningsrecht bij inbeslagname in grensoverschrijdend strafonderzoek
Op 5 februari 2025 vond een doorzoeking plaats in een bedrijfspand te een vestigingsplaats in het kader van een grensoverschrijdend strafonderzoek naar georganiseerde BTW-fraude. Tijdens deze doorzoeking werden diverse digitale gegevensdragers in beslag genomen en overgedragen aan de Belgische gedelegeerd Europees aanklager (EDP).
Klager diende op 12 februari 2025 een klaagschrift in tegen de inbeslagname van deze gegevens, stellende dat het verschoningsrecht van toepassing is en dat de gegevens onrechtmatig zijn verstrekt aan België. Tevens verzocht klager om inzage in processtukken. De officier van justitie voerde aan dat de rechtbank Rotterdam deels onbevoegd is en dat inzage om onderzoeksredenen kan worden geweigerd.
De rechtbank oordeelde dat zij bevoegd is kennis te nemen van het klaagschrift en klager ontvankelijk is voor het deel over de gegevens, maar niet voor het deel over voertuigen. De rechtbank wijst het verzoek om inzage af vanwege het belang van vertrouwelijkheid. De rechtbank stelt dat filtering van verschoningsgerechtigde stukken onderdeel is van de tenuitvoerlegging van de onderzoeksmaatregel en dat dit door de Nederlandse rechter kan worden getoetst.
Daarom wordt het onderzoek geschorst en worden de stukken aan de rechter-commissaris overgedragen die op grond van artikel 98 Sv Pro zal beslissen over het beroep op het verschoningsrecht, waarbij klager gelegenheid krijgt zich gemotiveerd uit te laten. De rechtbank wijst het klaagschrift voor het overige af.
Uitkomst: De rechtbank schorst het onderzoek en draagt de stukken over aan de rechter-commissaris voor toetsing van het verschoningsrecht.