Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 november 2025 in de zaak tussen
[eiseres], uit Harmelen, eiseres
Samenvatting
Procesverloop
Totstandkoming van het besluit
Bevinding(en):
Rechtbank Rotterdam
De zaak betreft een bestuurlijke boete opgelegd aan eiseres wegens het vervoeren van een schaap dat niet geschikt was voor het voorgenomen transport vanwege een pijnlijke tussenklauwontsteking aan de rechter achterpoot. De toezichthoudend dierenarts van de NVWA constateerde dat het schaap kreupel was en pijn had vóór aanvang van het transport, wat onnodig lijden tijdens vervoer veroorzaakte.
Eiseres betwistte de overtreding met het argument dat het schaap op eigen kracht en pijnloos vertrok en dat er geen aanwijzingen waren dat het niet vervoerd mocht worden. De rechtbank oordeelde dat de minister de overtreding voldoende had bewezen aan de hand van het deskundige rapport en de waarnemingen van de toezichthoudend dierenarts, en dat de stellingen van eiseres onvoldoende aanleiding gaven tot twijfel.
De boete werd verhoogd wegens recidive, wat de rechtbank niet onredelijk vond. Wel achtte de rechtbank de boete te hoog vanwege de lange duur tussen het rapport van bevindingen en het boetebesluit, waardoor de boete werd gematigd tot € 4.050,-. Het beroep werd daarom gegrond verklaard voor de hoogte van de boete, maar ongegrond voor het overige.
Uitkomst: De boete wordt gematigd tot € 4.050,- vanwege de lange duur tussen rapport en besluit; het beroep is gegrond voor de boetehoogte en ongegrond voor het overige.