Op 14 november 2025 heeft de Rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in een zaak betreffende de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp) voor een verzoeker die zich in een problematische schuldensituatie bevond. De verzoeker had een aanvraag ingediend om toegelaten te worden tot de Wsnp, welke aanvraag op 7 november 2025 werd behandeld. Tijdens de zitting was de verzoeker aanwezig, samen met zijn beschermingsbewindvoerder, mevrouw M. van den Berg. De rechtbank heeft vastgesteld dat de verzoeker niet in staat was om een buitengerechtelijke schuldregeling te treffen, omdat de grootste schuldeiser, de Belastingdienst, niet akkoord ging met een minnelijk traject. De rechtbank oordeelde dat de verzoeker ontvankelijk was in zijn verzoek en voldeed aan de voorwaarden voor toelating tot de Wsnp. De rechtbank heeft de ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling vastgesteld op 14 augustus 2025, drie maanden eerder dan de datum van het vonnis, op basis van de afloscapaciteit van de verzoeker en de inspanningsverplichting die hij had nageleefd. De rechtbank benoemde ook een bewindvoerder en een rechter-commissaris om toezicht te houden op de uitvoering van de regeling. De duur van de Wsnp-regeling werd vastgesteld op 18 maanden, met een einddatum op 14 februari 2027. De verzoeker heeft het recht om binnen acht dagen na de uitspraak hoger beroep in te stellen.