Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.1. [gedaagde sub 1] ,
2. [gedaagde sub 2],
woonplaats: [plaats 2] ,
gedaagde sub 2,
1.De procedure
- de dagvaarding van 7 mei 2025, met bijlagen;
- het mondelinge antwoord.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Woonbron vordert betaling van een huurachterstand en ontbinding van de huurovereenkomst met gedaagde c.s. voor een woning in [plaats 1]. Gedaagde sub 2 woont al jaren niet meer in de woning maar heeft de huurovereenkomst niet formeel opgezegd, waardoor zij samen met gedaagde sub 1 hoofdelijk aansprakelijk blijft voor de huurbetalingen.
De huurachterstand bedraagt €7.854,04 tot en met september 2025. De kantonrechter oordeelt dat deze achterstand ernstig genoeg is voor ontbinding van de huurovereenkomst met gedaagde sub 1, mede omdat niemand meer in de woning woont. Gedaagde sub 1 wordt veroordeeld om de woning binnen drie dagen na betekening te ontruimen en een gebruiksvergoeding te betalen tot de ontruiming.
De incassokosten en rente worden afgewezen wegens een oneerlijke boetebepaling in de algemene voorwaarden van Woonbron die afwijkt van de wettelijke regeling. De proceskosten worden toegerekend aan gedaagde c.s. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat het direct kan worden uitgevoerd ondanks eventuele hoger beroep procedures.
Uitkomst: De huurovereenkomst met gedaagde sub 1 wordt ontbonden en gedaagde c.s. worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van de huurachterstand en proceskosten met een verkorte ontruimingstermijn.