ECLI:NL:RBROT:2025:14086
Rechtbank Rotterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Ontruiming en betaling huurachterstand na beëindiging zorg- en huurovereenkomst
In deze kort geding procedure vordert de verhuurder ontruiming van een kamer en betaling van een aanzienlijke huurachterstand door de huurder, nadat de zorg- en huurovereenkomst zijn beëindigd. De huurder is niet verschenen, waardoor verstek is verleend.
De kantonrechter oordeelt dat de huurder zonder recht of titel in de woning verblijft en veroordeelt hem tot ontruiming binnen zeven dagen na betekening van het vonnis. Tevens wordt de huurachterstand van €8.309,97 en een gebruiksvergoeding van €416,61 per maand vanaf november 2025 tot ontruiming toegewezen.
De gevorderde incassokosten van €790,50 worden afgewezen omdat de veertiendagenbrief niet voldoet aan de wettelijke eisen, met name doordat het in de brief genoemde bedrag aan huurachterstand niet overeenkomt met de werkelijke schuld, waardoor de incassokosten onrechtmatig zijn aangezegd.
Daarnaast worden de proceskosten van €1.341,21 en de wettelijke rente toegewezen. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat de verhuurder het direct kan laten uitvoeren.
Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming binnen zeven dagen en betaling van de huurachterstand, gebruiksvergoeding en proceskosten, terwijl de incassokosten worden afgewezen.