Op 21 oktober 2025 heeft de kinderrechter van de Rechtbank Rotterdam een beschikking gegeven in de zaak van de Raad voor de Kinderbescherming regio Rotterdam-Dordrecht over een minderjarige, geboren in 2015. De kinderrechter heeft een machtiging verleend voor gesloten jeugdhulp, gezien de complexe gedrags- en psychiatrische problemen van de minderjarige. De moeder, die het ouderlijk gezag heeft, stemt in met de hulpverlening, maar uit haar zorgen over de lange duur van de uithuisplaatsing. De Raad heeft verzocht om de minderjarige onder toezicht te stellen en een machtiging tot uithuisplaatsing te verlenen. De kinderrechter heeft vastgesteld dat er geen minder ingrijpende mogelijkheden zijn en dat de gesloten plaatsing noodzakelijk is om de ontwikkeling van de minderjarige te waarborgen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard, wat betekent dat de beslissing direct geldt, ook als er hoger beroep wordt ingesteld. De kinderrechter benadrukt dat de gesloten plaatsing zo kort mogelijk moet duren en dat er gewerkt moet worden aan de vaardigheden van de minderjarige en het contact met de moeder.