Uitspraak
[eiser], uit Schiedam, eiser,
Inleiding
Beoordeling door de voorzieningenrechter
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Rechtbank Rotterdam
Eiser ontving een Zw-uitkering die per 14 maart 2025 door het UWV werd beëindigd op grond van medische rapportages van verzekeringsartsen die hem geschikt achtten voor zijn werk als manager. Eiser voerde aan dat hij nog niet volledig hersteld was en diverse klachten had, ondersteund met medische documenten en foto's.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het UWV zijn besluiten mocht baseren op de onpartijdige en zorgvuldige medische adviezen van de verzekeringsartsen. Uit het onderzoek bleek dat eiser lichamelijk en psychologisch voldoende belastbaar was voor zijn functie. De door eiser overgelegde medische informatie bood geen aanleiding om aan deze conclusies te twijfelen.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Eiser krijgt geen Zw-uitkering over de maanden maart tot en met juli 2025. Er is geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten of griffierecht.
Uitkomst: Het beroep tegen het beëindigen van de Zw-uitkering is ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.