In deze beschikking van de kinderrechter van de Rechtbank Rotterdam, uitgesproken op 18 november 2025, wordt de ondertoezichtstelling van de minderjarige [minderjarige] verlengd tot 28 februari 2026. De kinderrechter oordeelt dat de voorwaarden voor verlenging zijn vervuld, gezien de ernstige ontwikkelingsbedreiging van [minderjarige]. De kinderrechter benadrukt dat de betrokkenheid van de gecertificeerde instelling (GI) noodzakelijk blijft, omdat de samenwerking tussen de ouders en de GI moeizaam verloopt. De kinderrechter stelt vast dat de omgang tussen de vader en [minderjarige] goed verloopt en dat er behoefte is aan een duidelijke omgangsregeling. De vader heeft verzocht om een omgangsregeling, waarbij hij en [minderjarige] elke eerste woensdag van de maand gedurende anderhalf uur met elkaar omgaan. De kinderrechter wijst dit verzoek toe en legt de regie over de omgangsregeling bij de GI. Daarnaast wordt bepaald dat de moeder, als gezaghebbende ouder, de vader eenmaal per maand per e-mail moet informeren over belangrijke zaken met betrekking tot [minderjarige]. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad, wat betekent dat de beslissing direct geldt, ook als er hoger beroep wordt ingesteld.