ECLI:NL:RBROT:2025:14670

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
10 december 2025
Publicatiedatum
15 december 2025
Zaaknummer
10/050855-25; 10/064056-25; 02/070071-25; 10/086970-25; 10/235014-25
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bewezenverklaring van meerdere inbraken, diefstallen en witwassen met strafoplegging

Op 10 december 2025 heeft de Rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in een strafzaak tegen een verdachte die zich schuldig heeft gemaakt aan meerdere strafbare feiten, waaronder zes bedrijfsinbraken, een poging tot inbraak, diefstal van benzine en kentekenplaten, witwassen van hogedrukreinigers en gereedschap, belediging van een ambtenaar en tweemaal opzetheling van een auto en kentekenplaten. De verdachte, geboren in 1972 en ten tijde van de zitting preventief gedetineerd, werd bijgestaan door zijn raadsman, mr. C.M. Emeis. De rechtbank heeft de verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar. De rechtbank heeft bijzondere voorwaarden opgelegd, waaronder reclasseringstoezicht en behandeling voor zijn verslavingsproblematiek. De feiten zijn bewezen verklaard op basis van de getuigenverklaringen en het DNA-onderzoek. De rechtbank heeft de ernst van de feiten en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte in haar overwegingen meegenomen. De verdachte heeft zich in een korte periode schuldig gemaakt aan een reeks van vermogensdelicten, wat aanzienlijke overlast en schade heeft veroorzaakt voor de gedupeerden. De rechtbank heeft ook vorderingen van benadeelde partijen behandeld, waarbij schadevergoedingen zijn toegewezen voor materiële schade.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 3
Parketnummers: 10/050855-25; 10/064056-25; 02/070071-25; 10/086970-25; 10/235014-25
Datum uitspraak: 10 december 2025
Tegenspraak
Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de gevoegde zaken tegen de verdachte:
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1972,
ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres:
[adres 1] ([postcode]) te [woonplaats],
ten tijde van het onderzoek op de terechtzitting preventief gedetineerd
in [detentieadres],
raadsman mr. C.M. Emeis, advocaat te 's-Gravenhage.

1.Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 26 november 2025.

2.Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaardingen. De tenlasteleggingen in de zaken met parketnummers 02/070071-25, 10/086970-25 en 10/235014-25 zijn op de terechtzitting overeenkomstig de (subsidiaire) vordering van de officier van justitie gewijzigd. De tekst van de (gewijzigde) tenlasteleggingen is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3.Eis officier van justitie

De officier van justitie mr. M. Vollebregt heeft gevorderd:
  • bewezenverklaring van alle (primair) ten laste gelegde feiten;
  • veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan 10 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaar en met daaraan gekoppeld de bijzondere voorwaarden die zijn geadviseerd door de reclassering in het over de verdachte opgemaakte rapport van 17 november 2025.

4.Waardering van het bewijs

4.1. 10/050855-25:
10/050855-25: witwassen 17 februari 2025
De verdediging heeft zich ten aanzien van een bewezenverklaring voor dit feit gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. De bewezenverklaring blijkt uit de opgenomen bewijsmiddelen in bijlage II. Dit feit zal zonder nadere bewijsmotivering bewezen worden verklaard.
4.2. 10/064056-25:
10/064056-25: belediging ambtenaar 1 maart 2025
De ten laste gelegde belediging van ambtenaar IJsselstein is door de verdachte bekend en door de verdediging is geen vrijspraak bepleit. Dit feit zal zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.
4.3. 02/070071-25:
02/070071-25: inbraak 4 maart 2025 en diefstal benzine 4 t/m 5 februari 2025
De onder 1 en 2 ten laste gelegde diefstallen zijn door de verdachte bekend en door de verdediging is geen vrijspraak bepleit. Deze feiten zullen zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.
4.4. 10/086970-25: 8
10/086970-25: 8 feiten
Feit 1: inbraak IJssalon 18 maart 2025
Dit feit is door de verdachte bekend en door de verdediging is geen vrijspraak bepleit. Dit feit zal zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.
Feit 2: inbraak ’t Smulhoekske 18 maart 2025
Dit feit is door de verdachte bekend en door de verdediging is geen vrijspraak bepleit. Dit feit zal zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.
Feit 3: (opzet)heling 18 maart 2025
De opzetheling van het voertuig en de kentekenplaten is door de verdachte bekend en door de verdediging is geen vrijspraak bepleit. De rechtbank zal de verdachte partieel vrijspreken van de opzetheling van de schoenen. Voor het overige zal dit feit zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.
Feit 4: inbraak [naam cafe] 2 april 2025
Dit feit is door de verdachte bekend en door de verdediging is geen vrijspraak bepleit. Dit feit zal zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.
Feit 5 primair: poging inbraak Historische Vereniging West 28 maart 2025
4.4.1.
Standpunt verdediging
De verdediging heeft aangevoerd dat de verdachte dient te worden vrijgesproken van dit feit. De verdachte ontkent en - ondanks de resultaten van het DNA-onderzoek - blijkt onvoldoende uit het dossier dat de verdachte zich aan deze inbraak schuldig heeft gemaakt.
4.4.2.
Beoordeling door de rechtbank
Uit het DNA-rapport van 22 april 2025 blijkt dat de matchkans op een overeenkomst tussen het DNA van de verdachte en het DNA dat is aangetroffen op het handvat van de brandblusser, en de twee stukken steen telkens kleiner is dan één op één miljard. Hoewel het om verplaatsbare objecten gaat, zijn dit naar het oordeel van de rechtbank dadersporen. De stukken steen zijn beide gebruikt bij het verbreken van de ruit aan de buitenzijde van het pand en de brandblusser is afkomstig van binnenin het pand, waar hij is gebruikt voor het verbreken van een interne deur. De verklaring van de verdachte dat hij niet weet hoe zijn DNA op deze objecten is gekomen, acht de rechtbank, gelet op het voorgaande, ongeloofwaardig.
4.4.3.
Conclusie
Het feit is wettig en overtuigend bewezen.
Feit 6: inbraak [naam kapperszaak] 26 maart 2025
4.4.4.
Standpunt verdediging
De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de verdachte ook van dit feit dient te worden vrijgesproken. Op basis van het dossier kan niet worden vastgesteld dat de verdachte de schoenen die onder hem in beslag genomen zijn, ook op 26 maart 2025 heeft gedragen.
4.4.5.
Beoordeling door de rechtbank
In [naam kapperszaak] zijn drie schoensporen aangetroffen die, op basis van het rapport vergelijkend schoenspooronderzoek, met de hoogste waarschijnlijkheidsgraad zijn veroorzaakt door de schoenen die onder de verdachte in beslag genomen zijn. Bovendien zijn deze schoensporen ook gevonden bij de inbraken onder de hierboven bewezen verklaarde feiten 4 en 5.
Het verweer van de raadsman dat niet vaststaat dat de verdachte de schoenen heeft gedragen op deze bewuste avond, wordt niet ondersteund door de eigen verklaring van de verdachte, nu hij bijvoorbeeld niet heeft verklaard dat hij deze schoenen wel eens uitleende.
4.4.6.
Conclusie
Het feit is wettig en overtuigend bewezen.
Feit 7: diefstal geldbedrag en wasmunten 4 maart 2025
Dit feit is door de verdachte bekend en door de verdediging is geen vrijspraak bepleit. Dit feit zal zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.
Feit 8: diefstal benzine 9 maart 2025
Dit feit is door de verdachte bekend en door de verdediging is geen vrijspraak bepleit. Dit feit zal zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.
4.5. 10/235014-25: (
10/235014-25: (opzet)heling auto en diefstal van kentekenplaten in vereniging
Deze feiten zijn door de verdachte bekend en door de verdediging is geen vrijspraak bepleit. Deze feiten zullen zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.
4.6.
Bewezenverklaring
In bijlage II heeft de rechtbank de inhoud van wettige bewijsmiddelen opgenomen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Op grond daarvan, en op grond van de redengevende inhoud van het voorgaande, is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde onder parketnummer 10/050855-25 en het onder 5 en 6 ten laste gelegde met parketnummer 10/086970-25 heeft begaan.
In bijlage III heeft de rechtbank een opgave gedaan van wettige bewijsmiddelen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Met deze opgave wordt volstaan, nu de verdachte het bewezen verklaarde heeft bekend en geen verweer is gevoerd dat strekt tot vrijspraak. Op grond daarvan is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het overige ten laste gelegde heeft begaan.
De verdachte heeft de bewezen verklaarde feiten op die wijze begaan dat:
10/050855-25
hij op
of omstreeks17 februari 2025 te Dordrecht,
een ofmeerdere hogedrukreinigers en
/ofgereedschap van het merk Makita,
althans
een of meer voorwerpen,
voorhanden heeft gehad,
terwijl hij,
verdachte,wist,
althans redelijkerwijs moest vermoedendat
dat/die
voorwerp
(en
)- onmiddellijk of middellijk - afkomstig
was/waren uit enig
(eigen)
misdrijf;
10/064056-25
hij op
of omstreeks1 maart 2025 te Dordrecht
opzettelijk
een ambtenaar, te weten
[naam 1] (agent bij de eenheid Rotterdam)
en/ofI. IJsselstein (agent bij de eenheid Rotterdam), gedurende of ter zake van de
rechtmatige uitoefening van
zijn/haar bediening,
in
zijn/haar tegenwoordigheid,
mondeling
heeft beledigd,
door
hem/haar de woorden toe te voegen: "Kankerhoer"
, althans woorden van
gelijke beledigende aard en/of strekking;
02/070071-25
1
hij op
of omstreeks4 maart 2025 te Wijk en Aalburg,
gemeente Altena
een ofmeerdere brood- en/of banketproducten,
in elk geval enig goed, dat/die
geheel
of ten deleaan De Echte Bakker - Van Ballegooijen,
in elk geval aan een
andertoebehoorde
(n
)heeft weggenomen met het oogmerk om het zich
wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van
het misdrijf heeft verschaft en
/of dat/die weg te nemen
goed/goederen onder zijn
bereik heeft gebracht door middel van braak
en/of verbreking;
2
hij in
of omstreeksde periode 4 februari 2025 tot en met 5 februari 2025 te Dordrecht
benzine en/of brandstof,
in elk geval enig goed, dat/die
geheel of ten dele aan C&R
Group b.v., in elk gevalaan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het
oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte
zich de
toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en/ofdat
/dieweg te nemen
goed
/goederenonder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel,
te weten een tankpas, door voornoemde tankpas onbevoegd te gebruiken;
10/086970-25
1
hij, op
of omstreeks18 maart 2025 te Werkendam,
gemeente Altena,
in/uit een
(bedrijfs)pand gelegen
op ofaan de [adres 2],
een gel
dbedrag (te weten 1.000 euro),
in elk geval enig(e) goed(eren),dat
/die geheel
of ten deleaan [naam 2] en/of [naam ijssalon]
, in elk geval aan een ander
toebehoorde
(n)heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk
toe te eigenen, terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft
verschaft en
/ofdat weg te nemen geldbedrag
, althans die/dat goed(eren)onder zijn
bereik heeft gebracht door middel van braak
, verbreking en/of inklimming;
2
hij, op
of omstreeks18 maart 2025 te Werkendam,
gemeente Altena,
in/uit een
(bedrijfs)pand gelegen
op ofaan de [adres 6],
een geldbedrag en
/ofde fooienpot en
/ofde kassa (met inhoud)
in elk geval enig(e)
goed(eren),
dat/die geheel
of ten deleaan die
[naam 3] en/of[naam 4] en/of [naam snackbar]
, in elk geval aan een andertoebehoorde
(n
)heeft weggenomen met
het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte zich de
toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en
/of dat/die weg te nemen
geldbedrag en
/ofgoed
(eren
)onder zijn bereik heeft gebracht door middel van
braak
, verbreking en/of inklimming;
3
hij, op
of omstreeks18 maart 2025 te Gorinchem,
althans in Nederland,
een voertuig en
/of een of meerderekentekenplaten
en/of schoenen, althans een of
meer goederen heeft verworven,voorhanden heeft gehad
en/of heeft overgedragen,
terwijl hij ten tijde van
de verwerving ofhet voorhanden
krijgen van
dit goed/deze goederen wist
, althans redelijkerwijs had moeten
vermoedendat het
(een)door misdrijf verkregen goed
(eren
)betrof;
4
hij, op
of omstreeks2 april 2025 te Kinderdijk,
gemeente Molenlanden
in/uit een
(bedrijfs)pand gelegen
op ofaan de [adres 3],
een kassalade en/ofde kluis van de gokkast en
/ofeen geldbedrag,
in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die
geheel
of ten deleaan [naam 5] en/of [naam cafe]
, in elk geval aan een ander
toebehoorde
(n
)heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk
toe te eigenen, terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft
verschaft en
/ofdat
/dieweg te nemen goed en
/ofgeldbedrag onder zijn bereik heeft
gebracht door middel van braak
, verbreking en/of inklimming;
5 primair
hij, op
of omstreeks28 maart 2025 te Alblasserdam,
in/uit een
(bedrijfs)pand gelegen
op ofaan [adres 4],
ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om
een
goed/goederen,
in elk geval enig(e) goed(eren),dat/die geheel of ten dele
aan de Historische Vereniging West en/of de Wereldwinkel
,
in elk geval aan een andertoebehoorde(n) weg te nemen
met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen en zich
de
toegang tot de plaats van het misdrijf te verschaffen
en/of dat/die weg te nemen
goed/goederen onder zijn bereik te brengendoor middel van braak
, verbreking
en/of inklimming,
(met een stuk steen
)het zijraam van het pand heeft ingegooid en
/of (vervolgens)het raam van de toegangsdeur naar de Wereldwinkel heeft gebroken,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
6
hij, op
of omstreeks26 maart 2025 te Hendrik-Ido-Ambacht,
in/uit een
(bedrijfs)pand gelegen
op ofaan [adres 5], een kassalade met
inhoud
en/of een geldbedrag, in elk geval enig(e) goed(eren),
dat/die
geheel of ten
deleaan [naam 6] en/of [naam kapperszaak]
, in elk geval aan een ander
toebehoorde
(n)heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk
toe te eigenen, terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft
verschaft en
/ofdat
/dieweg te nemen goed
/goederenonder zijn bereik heeft
gebracht door middel van braak
, verbreking en/of inklimming;
7
hij, op
of omstreeks4 maart 2025 te Aalst,
gemeente Zaltbommel,
tezamen en in vereniging met een
of meerander
en,
althans alleen,een geldbedrag
en
/ofwasmunten,
in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die
geheel of ten deleaan
Carfood Motorbrandstoffen B.V. en/of Esso tankstation Aalst
, in elk geval aan een
ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s)toebehoorde
(n
)heeft
weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl
verdachte en
/ofzijn mededader
(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf
heeft/hebben verschaft en/of dat/die weg te nemen
goed/goederen onder
zijn/haar/hun bereik
heeft/hebben gebracht door middel van
braak en/of
verbreking;
8
hij, op
of omstreeks9 maart 2025 te Dordrecht,
benzine
, in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die
geheel of ten deleaan Shell Station
Wielwijk
, in elk geval aan een andertoebehoorde
(n)heeft weggenomen
met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;
10/235014-24
1
hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode 28 maart 2025 tot en met 2
april 2025 te Kinderdijk,
gemeente Molenlanden, althans in Nederland,
een auto (Hyundai I20)
, althans een goed heeft verworven,voorhanden heeft gehad,
en/of heeft overgedragen,
terwijl hij ten tijde van
de verwerving ofhet voorhanden krijgen van dit goed wist,
althans redelijkerwijs had moeten vermoedendat het een door misdrijf verkregen
goed betrof;
2
hij in
of omstreeksde periode 30 maart 2025 tot en met 2 april 2025
te Zwijndrecht,
althans in Nederland,
tezamen en in vereniging met een
of meerander
en,
althans alleen,
kentekenplaten,
in elk geval enig goed, dat/die
geheel of ten deleaan een of
meerdere ander(en) dan aan verdachte en
/ofzijn mededader
(s)toebehoorde
(n
)
heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen.
Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

5.Strafbaarheid feiten

De bewezen feiten leveren op:
10/050855-25
witwassen
10/064056-25
eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening
02/070071-25
Feit 1: diefstal, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak
Feit 2: diefstal, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels
10/086970-25
Feit 1, 2, 4 en 6: diefstal, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak
Feit 3: opzetheling
Feit 5 (primair): poging diefstal, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak
Feit 7: diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking
Feit 8: diefstal
10/235014-25
Feit 1: opzetheling
Feit 2: diefstal door twee of meer verenigde personen
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. De feiten zijn dus strafbaar.

6.Strafbaarheid verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

7.Motivering straf

7.1.
Algemene overweging
De straf die aan de verdachte wordt opgelegd, is gegrond op de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.
7.2.
Feiten waarop de straf is gebaseerd
De verdachte heeft zich in een periode van drie maanden - waarvan hij ook nog een deel heeft vastgezeten - schuldig gemaakt aan zes bedrijfsinbraken, een poging tot inbraak, diefstal van benzine en kentekenplaten, witwassen van hogedrukreinigers en gereedschap, belediging van een ambtenaar en tweemaal opzetheling van een auto en kentekenplaten. Dit zijn ergerlijke feiten, die veel overlast en schade veroorzaken bij de gedupeerden.
De verdachte heeft kennelijk alleen oog gehad voor zijn eigen financiële gewin - om te voorzien in zijn drugsgebruik - en heeft zich geen rekenschap gegeven van de gevolgen van zijn handelen voor de gedupeerden.
7.3.
Persoonlijke omstandigheden van de verdachte
7.3.1.
Strafblad
De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van
21 oktober 2025, waaruit blijkt dat de verdachte in het recente verleden eerder is veroordeeld voor heling.
7.3.2.
Rapportages
Stichting Verslavingsreclassering GGZ, heeft een rapport over de verdachte opgemaakt, gedateerd 17 november 2025. Dit rapport houdt - kort samengevat - het volgende in:
“Betrokkene kende de afgelopen jaren een tamelijk stabiel bestaan, bestaande uit onder andere een vast dienstverband, inkomen uit eigen bedrijf, huisvesting en abstinentie van harddrugsgebruik. In 2024 viel betrokkene terug in middelengebruik, als gevolg van het overlijden van meerdere familieleden kort achter elkaar. Betrokkene kon hier niet mee om gaan en viel terug in dagelijks cocaïnegebruik om zijn emoties te dempen. Hij zei zijn baan op uit schaamte, doordat zijn verslaving de overhand nam. Zijn inkomen viel weg, zijn spaargeld raakte op en hij moest zijn woning verkopen. Hij belandde in het gebruikerscircuit en verbleef bij medegebruikers. In korte tijd verloor hij alles wat hij de afgelopen jaren had opgebouwd. Om in zijn gebruik te kunnen blijven voorzien, viel betrokkene terug in het plegen van vermogensdelicten. Bij betrokkene is er momenteel op vrijwel alle vlakken sprake van instabiliteit. Zo beschikt hij hedendaags niet over een inkomen, heeft hij schulden, is er geen sprake van (langdurige) huisvesting en is er nog geen lopende behandeling voor zijn middelengebruik en psychosociale problematiek. (…) Betrokkene was onder een deel van onderhavige verdenkingen geschorst van preventieve hechtenis. Betrokkene hield zich onvoldoende aan de voorwaarden, waardoor de schorsing is opgeheven. Betrokkene geeft echter aan dat hij door gebrek aan medische hulp zich bewust niet aan de voorwaarden hield, om binnen de P.I. geholpen te worden.
Vanwege de instabiliteit op diverse leefgebieden en de gebrekkige vaardigheden in het oplossen van (interpersoonlijke) problemen, achten wij een reclasseringstoezicht met bijzondere voorwaarden noodzakelijk om het hoge recidive risico te verlagen. De voorwaarden die wij eerder hadden geadviseerd, bestaande uit: ambulante behandeling (met mogelijkheid tot kortdurende klinische opname), begeleid wonen, dagbesteding, meewerken aan middelencontrole en ambulante begeleiding (o.a. gericht op het op orde krijgen van zijn financiën), bleek echter niet toereikend. Derhalve adviseren wij nu tevens een klinische opname. Betrokkene is momenteel abstinent en gemotiveerd hiervoor. Wij achten het noodzakelijk dat de klinische opname aansluitend aan detentie zal plaatsvinden. Indien dit niet gebeurt, schatten wij het risico op terugval in middelengebruik hoog in en daarbij het onttrekken aan voorwaarden.”
De rechtbank heeft acht geslagen op dit rapport.
7.4.
Conclusies van de rechtbank
Gelet op hetgeen de rechtbank hierboven heeft overwogen, komt zij tot de volgende conclusies.
Gezien de ernst van de feiten kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een gevangenisstraf. Bij de bepaling van de duur van de gevangenisstraf heeft de rechtbank acht geslagen op straffen die in soortgelijke zaken plegen te worden opgelegd.
Nu de reclassering begeleiding en bijzondere voorwaarden noodzakelijk acht, zal de
rechtbank een deel van de voorgenomen straf voorwaardelijk opleggen, met de voorwaarden die hierna worden genoemd. Dit voorwaardelijke strafdeel dient er tevens toe de verdachte ervan te weerhouden in de toekomst opnieuw strafbare feiten te plegen. De rechtbank acht het evenals de reclassering van belang dat aansluitend aan de detentie met de klinische opname, die onderdeel uitmaakt van de op te leggen bijzondere voorwaarden, zal worden gestart.
Alles afwegend acht de rechtbank de hierna te noemen straf passend en geboden.
Tenuitvoerlegging van de op te leggen gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma als bedoeld in artikel 4 van de Penitentiaire beginselenwet.

8.In beslag genomen voorwerpen

Ten aanzien van het in beslag genomen geld zal een last worden gegeven tot teruggave aan degene die redelijkerwijs als rechthebbende kan worden aangemerkt.
Alle overige in beslag genomen goederen zullen worden verbeurd verklaard. De bewezen feiten zijn met behulp van deze voorwerpen begaan.

9.Vorderingen benadeelde partijen / schadevergoedingsmaatregel

C&R Group B.V.
Als benadeelde partij heeft zich in het geding gevoegd: C&R Group B.V. ter zake van het onder 2 ten laste gelegde feit met parketnummer 02/070071-25. De benadeelde partij vordert vergoeding van € 9.490,21 aan materiële schade.
[benadeelde partij ]
Als benadeelde partij heeft zich in het geding gevoegd: [benadeelde partij ] ter zake van het onder 6 ten laste gelegde feit met parketnummer 10/086970-25. De benadeelde partij vordert vergoeding van € 10.149,97 aan materiële schade, vergoeding van € 2.600,00 aan immateriële schade en vergoeding van € 420,00 voor proceskosten.
9.1.
Standpunt officier van justitie
C&R Group B.V.
De officier van justitie heeft geconcludeerd tot toewijzing van een vergoeding gelijk aan alle tankkosten die met C&R tankpassen zijn gemaakt in de nacht van 4 op 5 februari 2025, zijnde een bedrag van € 1.506,36. Voor het overige dient de benadeelde partij in haar vordering niet-ontvankelijk te worden verklaard.
[benadeelde partij ]
Ter terechtzitting is gebleken dat reeds is toegezegd dat de kosten van de gebroken ruit door de verzekering zal worden vergoed. De officier van justitie heeft geconcludeerd dat derhalve enkel het weggenomen geld, te weten € 150,00, kan worden toegewezen. Voor het overige dient de vordering niet-ontvankelijk te worden verklaard, wegens het ontbreken van onderbouwing.
Beide vorderingen te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
9.2.
Beoordeling door de rechtbank
C&R Group B.V.
Nu is komen vast te staan dat aan de benadeelde partij door het onder 2 ten laste gelegde feit met parketnummer 02/070071-25 rechtstreeks materiële schade is toegebracht en de vordering tot een bedrag van € 650,00 door de verdediging niet wordt betwist, zal de vordering voor dat deel worden toegewezen. In het overige deel van de vordering zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk worden verklaard, nu niet is komen vast te staan dat de schade waarvan vergoeding wordt gevorderd rechtstreeks verband houdt met het bewezen verklaarde feit. Dit deel van de vordering kan derhalve slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.
De benadeelde partij heeft gevorderd het te vergoeden bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente. De rechtbank bepaalt dat het te vergoeden schadebedrag vermeerderd wordt met de wettelijke rente vanaf 4 februari 2025.
[benadeelde partij ]
Nu is komen vast te staan dat aan de benadeelde partij door het onder 6 ten laste gelegde feit met parketnummer 10/086970-25 rechtstreeks materiële schade is toegebracht en de gevorderde schadevergoeding - voor zover deze ziet op het kasgeld - ook overigens niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt, zal de vordering voor dat deel (groot € 150,00) worden toegewezen. De gevorderde proceskosten zullen worden afgewezen en ten aanzien van de overige gevorderde kosten zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk worden verklaard, aangezien de bewijsstukken ter onderbouwing van de vordering thans ontbreken en het bieden van gelegenheid tot een nadere onderbouwing op dit punt een onevenredige belasting van het strafgeding zou opleveren. Dit deel van de vordering kan derhalve slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.
De benadeelde partij heeft gevorderd het te vergoeden bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente. De rechtbank bepaalt dat het te vergoeden schadebedrag vermeerderd wordt met de wettelijke rente vanaf 26 maart 2025.
9.3.
Conclusie
De verdachte moet aan de benadeelde partij C&R Group B.V. ter zake van materiële schade een vergoeding betalen van € 650,00, en aan de [benadeelde partij ] een vergoeding van € 150,00, vermeerderd met de wettelijke rente en kosten als hieronder in de beslissing vermeld.
Tevens wordt oplegging van de hierna te noemen maatregel als bedoeld in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht passend en geboden geacht.

10.Toepasselijke wettelijke voorschriften

Gelet is op de artikelen 14a, 14b, 14c, 33, 33a, 36f, 45, 47, 57, 63, 266, 267, 310, 311, 416 en 420bis van het Wetboek van Strafrecht.

11.Bijlagen

De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.

12.Beslissing

De rechtbank:
verklaart bewezen, dat de verdachte de ten laste gelegde feiten, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;
verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;
stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert de hiervoor vermelde strafbare feiten;
verklaart de verdachte strafbaar;
veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstraf voor de duur van 18 (achttien) maanden;
bepaalt dat van deze gevangenisstraf een gedeelte, groot
6 (zes) maandenniet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
verbindt hieraan een
proeftijd, die wordt gesteld op
3 (drie) jaren;
tenuitvoerlegging kan worden gelast als de veroordeelde de algemene voorwaarde niet naleeft en ook als de veroordeelde gedurende de proeftijd een bijzondere voorwaarde niet naleeft of een voorwaarde die daaraan van rechtswege is verbonden;
stelt als algemene voorwaarde:
- de veroordeelde zal zich vóór het einde van de proeftijd niet aan een strafbaar feit schuldig maken;
stelt als bijzondere voorwaarden:
1. de veroordeelde zal binnen zich binnen drie werkdagen na het ingaan van de proeftijd melden bij Fivoor reclassering op het adres Hoge Bakstraat 44 in Dordrecht. De veroordeelde blijft zich melden op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt;
2. de veroordeelde zal zich laten opnemen in een nader te bepalen zorginstelling, te bepalen door de justitiële instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing. De opname start zo spoedig mogelijk. De opname duurt een jaar of zoveel korter als de reclassering nodig vindt. De veroordeelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorginstelling geeft voor de behandeling. Gelet op de problematiek kan hieronder ook het innemen van medicijnen vallen, als de zorginstelling dat nodig vindt. Als de reclassering een overgang naar ambulante zorg, begeleid wonen of maatschappelijke opvang gewenst vindt, zal de veroordeelde meewerken aan de indicatiestelling en plaatsing;
3. de veroordeelde zal zich laten behandelen door Fivoor of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering. De behandeling start zo spoedig mogelijk. De behandeling duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig vindt. De veroordeelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling. Gelet op de problematiek kan hieronder ook het innemen van medicijnen vallen, als de zorgverlener dat nodig vindt. Indien er sprake is van een terugval in middelengebruik of een zodanige verslechtering van de psychische toestand van de veroordeelde dat een kortdurende klinische opname voor crisisbehandeling, detoxificatie, stabilisatie, observatie en diagnostiek noodzakelijk is, kan de reclassering een indicatiestelling aanvragen voor een dergelijke kortdurende klinische opname voor de duur van maximaal 7 weken. Indien de voor indicatie verantwoordelijke instantie een kortdurende klinische opname indiceert zal, nadat dit door de rechter is bevolen, de veroordeelde zich laten opnemen in een zorginstelling te bepalen door de justitiële instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing;
4. de veroordeelde zal verblijven in een nader te bepalen instelling voor beschermd wonen of maatschappelijke opvang, te bepalen door de reclassering. Het verblijf start zo spoedig mogelijk. Het verblijf duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig vindt. De veroordeelde houdt zich aan de huisregels en het dagprogramma dat de instelling in overleg met de reclassering voor hem heeft opgesteld;
5. de veroordeelde zal zich inspannen voor het vinden en behouden van betaald werk, onbetaald werk en/of vrijetijdsbesteding, met een vaste structuur. De dagbesteding draagt bij aan het voorkomen van delictgedrag;
6. de veroordeelde zal meewerken aan controle van het gebruik van alcohol en drugs om het middelengebruik te beheersen. De reclassering kan urineonderzoek en ademonderzoek (blaastest) gebruiken voor de controle. De reclassering bepaalt hoe vaak de veroordeelde wordt gecontroleerd;
7. de veroordeelde zal zich lagen begeleiden door Humanitas of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering. De begeleiding start zo spoedig mogelijk. De begeleiding duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig vindt. De veroordeelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de begeleiding. Gelet op de problematiek dient de begeleiding zich te richten op het op orde krijgen van financiën en het verkrijgen van geschikte huisvesting;
verstaat dat van rechtswege de volgende voorwaarden zijn verbonden aan de hierboven genoemde bijzondere voorwaarden
- de veroordeelde zal ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verlenen aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbieden;
- de veroordeelde zal medewerking verlenen aan reclasseringstoezicht, daaronder begrepen de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht;
geeft aan genoemde reclasseringsinstelling opdracht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;
beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;
beslist ten aanzien van de voorwerpen, geplaatst op de lijst van in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, als volgt:
- gelast de bewaring ten behoeve van de rechthebbende van alle geldbedragen;
- verklaart verbeurd alle overige in beslag genomen goederen.
veroordeelt de verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij C&R Group B.V. te betalen een bedrag van
€ 650,00(zegge: zeshonderdvijftig euro), bestaande uit materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 4 februari 2025 tot aan de dag der algehele voldoening;
verklaart de benadeelde partij niet-ontvankelijk in het resterende deel van de vordering; bepaalt dat dit deel van de vordering slechts kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
legt aan de verdachte
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van C&R Group B.V. te betalen
€ 650,00(zegge: zeshonderdvijftig euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 4 februari 2025 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
13 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
verstaat dat betaling aan de benadeelde partij tevens geldt als betaling aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij en omgekeerd;
veroordeelt de verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de [benadeelde partij ], te betalen een bedrag van
€ 150,00(zegge: honderdvijftig euro), bestaande uit materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 26 maart 2025 tot aan de dag der algehele voldoening;
wijst af de vordering van de [benadeelde partij ] voor zover deze ziet op de gevorderde proceskosten;
verklaart de [benadeelde partij ] niet-ontvankelijk in het resterende deel van de vordering; bepaalt dat dit deel van de vordering slechts kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
legt aan de verdachte
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van [benadeelde partij ] te betalen
€ 150,00(zegge: honderdvijftig euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 26 maart 2025 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
3 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
verstaat dat betaling aan de benadeelde partij tevens geldt als betaling aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij en omgekeerd.
Dit vonnis is gewezen door mr. P. Joele, voorzitter,
en mrs. J.L. Luiten en J. Langeveld, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. D. Blom-den Haan, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.
Bijlage I
Tekst gewijzigde tenlastelegging
Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat
10/050855-25
hij op of omstreeks 17 februari 2025 te Dordrecht,
een of meerdere hogedrukreinigers en/of gereedschap van het merk Makita, althans
een of meer voorwerpen,
voorhanden heeft gehad,
terwijl hij, verdachte, wist, althans redelijkerwijs moest vermoeden dat dat/die
voorwerp(en) - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig (eigen)
misdrijf;
10/064056-25
hij op of omstreeks 1 maart 2025 te Dordrecht
opzettelijk
een ambtenaar, te weten [naam 1] (agent bij de eenheid Rotterdam)
en/of I. IJsselstein (agent bij de eenheid Rotterdam), gedurende of ter zake van de
rechtmatige uitoefening van zijn/haar bediening,
in zijn/haar tegenwoordigheid,
mondeling
heeft beledigd,
door hem/haar de woorden toe te voegen: "Kankerhoer", althans woorden van
gelijke beledigende aard en/of strekking;
02/070071-25
1
hij op of omstreeks 4 maart 2025 te Wijk en Aalburg, gemeente Altena
een of meerdere brood- en/of banketproducten, in elk geval enig goed, dat/die
geheel of ten dele aan De Echte Bakker - Van Ballegooijen, in elk geval aan een
ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich
wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van
het misdrijf heeft verschaft en/of dat/die weg te nemen goed/goederen onder zijn
bereik heeft gebracht door middel van braak en/of verbreking;
2
hij in of omstreeks de periode 4 februari 2025 tot en met 5 februari 2025 te Dordrecht
benzine en/of brandstof, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan C&R
Group b.v., in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het
oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte zich de
toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en/of dat/die weg te nemen
goed/goederen onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel,
te weten een tankpas, door voornoemde tankpas onbevoegd te gebruiken;
10/086970-25
1
hij, op of omstreeks 18 maart 2025 te Werkendam, gemeente Altena,
in/uit een (bedrijfs)pand gelegen op of aan de [adres 2],
een gelbedrag (te weten 1.000 euro), in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel
of ten dele aan [naam 2] en/of [naam ijssalon], in elk geval aan een ander
toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk
toe te eigenen, terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft
verschaft en/of dat weg te nemen geldbedrag, althans die/dat goed(eren) onder zijn
bereik heeft gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;
2
hij, op of omstreeks 18 maart 2025 te Werkendam, gemeente Altena,
in/uit een (bedrijfs)pand gelegen op of aan de [adres 6],
een geldbedrag en/of de fooienpot en/of de kassa (met inhoud) in elk geval enig(e)
goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan die [naam 3] en/of [naam 4] en/of [naam snackbar]
, in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met
het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte zich de
toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en/of dat/die weg te nemen
geldbedrag en/of goed(eren) onder zijn bereik heeft gebracht door middel van
braak, verbreking en/of inklimming;
3
hij, op of omstreeks 18 maart 2025 te Gorinchem, althans in Nederland,
een voertuig en/of een of meerdere kentekenplaten en/of schoenen, althans een of
meer goederen heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen,
terwijl hij ten tijde van de verwerving of het voorhanden
krijgen van dit goed/deze goederen wist, althans redelijkerwijs had moeten
vermoeden dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;
4
hij, op of omstreeks 2 april 2025 te Kinderdijk, gemeente Molenlanden
in/uit een (bedrijfs)pand gelegen op of aan de [adres 3],
een kassalade en/of de kluis van de gokkast en/of een geldbedrag, in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel
of ten dele aan [naam 5] en/of [naam cafe], in elk geval aan een ander
toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk
toe te eigenen, terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft
verschaft en/of dat/die weg te nemen goed en/of geldbedrag onder zijn bereik heeft
gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;
5
hij, op of omstreeks 28 maart 2025 te Alblasserdam,
in/uit een (bedrijfs)pand gelegen op of aan [adres 4],
ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om
goed/goederen, in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele
aan de Historische Vereniging West en/of de Wereldwinkel,
in elk geval aan een ander toebehoorde(n) weg te nemen
met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen en zich
toegang tot de plaats van het misdrijf te verschaffen en/of dat/die weg te nemen
goed/goederen onder zijn bereik te brengen door middel van braak, verbreking
en/of inklimming,
(met een stuk steen) het zijraam van het pand heeft ingegooid en/of (vervolgens) het raam van de toegangsdeur naar de Wereldwinkel heeft gebroken,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou
kunnen leiden:
hij, op of omstreeks 28 maart 2025 te Alblasserdam,
opzettelijk en wederrechtelijk een maquette, vitrinekast, zijraam en/of
toegangsdeur, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan een ander, te
weten aan de Historische Vereniging West en/of de Wereldwinkel, toebehoorde
heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt;
6
hij, op of omstreeks 26 maart 2025 te Hendrik-Ido-Ambacht,
in/uit een (bedrijfs)pand gelegen op of aan [adres 5], een kassalade met
inhoud en/of een geldbedrag, in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten
dele aan [naam 6] en/of [naam kapperszaak], in elk geval aan een ander
toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk
toe te eigenen, terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft
verschaft en/of dat/die weg te nemen goed/goederen onder zijn bereik heeft
gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;
7
hij, op of omstreeks 4 maart 2025 te Aalst, gemeente Zaltbommel,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een geldbedrag
en/of wasmunten, in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan
Carfood Motorbrandstoffen B.V. en/of Esso tankstation Aalst, in elk geval aan een
ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft
weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl
verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf
heeft/hebben verschaft en/of dat/die weg te nemen goed/goederen onder
zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of
verbreking;
8
hij, op of omstreeks 9 maart 2025 te Dordrecht,
benzine, in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan Shell Station
Wielwijk, in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen
met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;
10/235014-24
1
hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode 28 maart 2025 tot en met 2
april 2025 te Kinderdijk, gemeente Molenlanden, althans in Nederland,
een auto (Hyundai I20), althans een goed heeft verworven, voorhanden heeft gehad,
en/of heeft overgedragen,
terwijl hij ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van dit goed wist,
althans redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het een door misdrijf verkregen
goed betrof;
2
hij in of omstreeks de periode 30 maart 2025 tot en met 2 april 2025
te Zwijndrecht, althans in Nederland,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
kentekenplaten, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan een of
meerdere ander(en) dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n)
heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen.