3.1.[eiseres] en de VdV vorderen, na eiswijziging, verkort weergegeven, dat de voorzieningenrechter bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis:
de op 4 en 5 december 2025 gelegde executoriale beslagen opheft,
de op 9 december 2025 gelegde executoriale beslagen opheft,
VdV verbiedt om, totdat in een bodemprocedure onherroepelijk is beslist over het bestaan en de geldigheid van het pandrecht, op grond van dat gepretendeerde pandrecht (opnieuw) beslag te leggen en/of daartoe verlof te verzoeken, althans VdV beveelt om, indien zij na dit vonnis een verzoek indient om (opnieuw) verlof te krijgen voor het leggen van beslag op grond van het door haar gepretendeerde pandrecht, de dagvaarding en dit vonnis onder de uitdrukkelijke aandacht van de voorzieningenrechter te brengen,
VdV verbiedt om over te gaan tot (verdere) parate executie van het door haar gepretendeerde pandrecht, althans de parate executie van het door VdV gepretendeerde pandrecht te schorsen, althans VdV te veroordelen de parate executie van het door haar gepretendeerde pandrecht te staken en gestaakt te houden, zulks totdat in een bodemprocedure onherroepelijk over het bestaan en de geldigheid van het pandrecht is beslist, onder oplegging van een dwangsom,
VdV veroordeelt om te gehengen en te gedogen dat de curator en door de curator van tijd tot tijd aangewezen derden (waaronder thans [eiseres] ) in het kader van de afwikkeling van de faillissementen van de restaurants zich toegang (blijven) verschaffen tot alle panden die de boedels huren alsmede VdV veroordeelt eisers per direct toegang te verschaffen tot de panden die de boedels huren en die door VdV zijn afgesloten, zulks door overhandiging van de sleutels van die panden aan [eiseres] en de curator, onder oplegging van een dwangsom,
VdV veroordeelt om binnen 24 uur na dit vonnis, althans binnen 24 uur na het stellen door de curator van (aanvullende) vervangende zekerheid, schriftelijk aan [eiseres] en de curator te verklaren dat zij onherroepelijk en onvoorwaardelijk afstand doet van het door haar gepretendeerde pandrecht op de inventarissen van de Vava-vennootschappen alsmede van het door haar gepretendeerde pandrecht op de inventaris van Vava Holding, althans (subsidiair) VdV veroordeelt om onvoorwaardelijk en onherroepelijk aan [naam veilinghuis] te bevestigen dat de veiling van de inventarissen doorgang kan vinden en dat VdV haar gepretendeerde pandrecht niet zal inroepen jegens [naam veilinghuis] , de veilingkopers en diens rechtsopvolgers, onder oplegging van een dwangsom,
VdV veroordeelt tot betaling aan [eiseres] van een voorschot op schadevergoeding van € 153.363,00,
VdV veroordeelt in de proceskosten, vermeerderd met wettelijke rente.