De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond tot verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van een 12-jarige minderjarige. De minderjarige was eerder met een spoedmachtiging uit huis geplaatst vanwege een onveilige opvoedomgeving, gekenmerkt door fors huiselijk geweld en complexe trauma’s binnen het gezin.
De minderjarige vertoont zorgelijk gedrag, waaronder agressie en verbale dreiging richting moeder en broertjes en zus, en is betrokken bij een extremistisch onlinenetwerk dat aanzet tot geweld. De moeder en vader, beiden belast met het ouderlijk gezag, stemmen in met de verlenging van de machtiging, hoewel zij liever zien dat de minderjarige terugkeert naar huis. De vader heeft een contactverbod, maar het belang van contact met de vader wordt erkend mits veilig en passend.
De kinderrechter acht verlenging noodzakelijk voor de verzorging en opvoeding van de minderjarige, waarbij rust, stabiliteit en herstel van trauma’s centraal staan. De machtiging wordt verlengd voor drie maanden en de beslissing wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden na uitspraak.