Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2025:14749

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
12 december 2025
Publicatiedatum
16 december 2025
Zaaknummer
FT RK 25/1454 – FT RK 25/1455
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 287a Faillissementswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing dwangakkoord bij schuldenregeling ondanks weigering van twee schuldeisers

Verzoekster diende een verzoek in op grond van artikel 287a Faillissementswet om een dwangakkoord af te dwingen tegen twee schuldeisers die weigerden in te stemmen met haar schuldregeling. De schuldregeling bood een betaling van 22,23% aan veertien concurrente schuldeisers, waarvan twaalf instemden. De twee weigeraars vertegenwoordigden 13,82% van de totale schuldenlast.

De rechtbank stelde vast dat verzoekster sinds oktober 2024 een ZW-uitkering ontvangt en geen inkomen verwacht boven dit niveau. Het voorstel was getoetst door een onafhankelijke deskundige en was goed gedocumenteerd. De rechtbank oordeelde dat het voorstel het uiterste was wat verzoekster redelijkerwijs kon bieden en dat het een gunstiger resultaat bood dan de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp).

Gelet op de belangenafweging woog het belang van verzoekster en de meerderheid van schuldeisers zwaarder dan dat van de twee weigeraars. De rechtbank wees het verzoek tot toepassing van de Wsnp af en veroordeelde de weigeraars in de proceskosten. Het dwangakkoord trad in de plaats van vrijwillige instemming, waardoor verzoekster haar schulden kan blijven aflossen.

Uitkomst: Rechtbank beveelt twee schuldeisers in te stemmen met schuldregeling en wijst verzoek tot Wsnp af.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team insolventie
rekestnummer: [nummer]
uitspraakdatum: 12 december 2025
in de zaak van:
[verzoekster],
wonende te [adres]
[postcode] [plaatsnaam],
verzoekster.

1.De procedure

Verzoekster heeft op 13 augustus 2025, tezamen met een verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling, een verzoek ingevolge artikel 287a, eerste lid, Faillissementswet ingediend om een aantal schuldeisers, te weten:
  • Autobedrijf Nieuwkoop (hierna: Autobedrijf Nieuwkoop);
  • Toyota Louwman FS afdeling Credit Control (hierna: Toyota Louwman);
die weigeren mee te werken aan een door verzoekster aangeboden schuldregeling, te bevelen in te stemmen met deze schuldregeling.
Ter zitting van 3 december 2025 zijn verschenen en gehoord:
  • verzoekster;
  • de heer D. Groenenberg, werkzaam bij IJsselgemeenten (hierna: schuldhulpverlening);
  • mevrouw M.L.C.M. van der Zalm, werkzaam bij Stedam Bewind B.V. (hierna: beschermingsbewindvoerder).
De weigerende schuldeisers zijn, hoewel daartoe behoorlijk opgeroepen, niet verschenen.
De uitspraak is bepaald op heden.

2.Het verzoek

Verzoekster heeft volgens het ingediende verzoekschrift veertien concurrente schuldeisers. Deze schuldeisers hebben in totaal een bedrag van € 28.845,32 van verzoekster te vorderen.
Verzoekster heeft bij brief van 30 april 2025 een schuldregeling aangeboden aan haar schuldeisers, inhoudende een betaling van 22,23% aan de concurrente schuldeisers tegen finale kwijting. De totale schuldenlast betrof toen € 30.321,33. De schuldenlast is derhalve lager geworden.
Het aangeboden akkoord heeft de volgende inhoud en achtergrond. De aangeboden regeling is gebaseerd op de NVVK-norm. De afloscapaciteit van verzoekster is gebaseerd op ongewijzigde voortzetting van haar ZW-uitkering. Verzoekster ontvangt vanaf 2 oktober 2024 een ZW-uitkering. De aangeboden regeling voorziet in uitkering van een prognosepercentage. Dat betekent dat de afloscapaciteit eventueel nog hoger of nog lager zal kunnen uitvallen. Verzoekster heeft zich op het standpunt gesteld dat zij al het mogelijke heeft gedaan om het aangeboden percentage aan haar schuldeisers aan te bieden. Verzoekster heeft sinds de aanmelding bij schuldhulpverlening geen nieuwe schulden of achterstanden meer laten ontstaan en haar vaste lasten worden inmiddels door haar beschermingsbewindvoerder voldaan.
Twaalf schuldeisers stemmen met de aangeboden schuldregeling in. Autobedrijf Nieuwkoop en Toyota Louwmans stemmen hier niet mee in. Zij hebben een vordering van € 4.180,67 op verzoekster, welke 13,82% van de totale schuldenlast beloopt.

3.Het verweer

Hoewel behoorlijk opgeroepen hebben Autobedrijf Nieuwkoop en Toyota Louwmans geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid hun standpunten schriftelijk, dan wel ter zitting toe te lichten.

4.De beoordeling

Uitgangspunt is dat het iedere schuldeiser in beginsel vrij staat om te verlangen dat 100% van zijn vordering, vermeerderd met rente, wordt voldaan. Nu de aangeboden regeling voorziet in een lagere uitkering dan de volledige vordering, staat het belang van Autobedrijf Nieuwkoop en Toyota Louwmans bij hun weigering vast.
De rechtbank ziet zich gesteld voor het beantwoorden van de vraag of Autobedrijf Nieuwkoop en Toyota Louwmans in redelijkheid niet tot weigering van instemming met de schuldregeling hebben kunnen komen, in aanmerking genomen de onevenredigheid tussen het belang dat zij hebben bij uitoefening van de bevoegdheid tot weigering en de belangen van verzoekster of de overige schuldeisers die door de weigering worden geschaad.
De rechtbank stelt allereerst vast dat de vorderingen van Autobedrijf Nieuwkoop en Toyota Louwmans een aandeel vormen in de totale schuldenlast van 13,82%.
Een ruime meerderheid van de schuldeisers, namelijk twaalf van de veertien schuldeisers, is met de aangeboden regeling akkoord gegaan.
De rechtbank stelt ook vast dat het voorstel is getoetst door een deskundige en onafhankelijke partij, te weten IJsselgemeenten. Voorts is het voorstel naar het oordeel van de rechtbank goed en controleerbaar gedocumenteerd.
De rechtbank is van oordeel dat het voorstel het uiterste is waartoe verzoekster in staat moet worden geacht. Uit het verzoekschrift en het verhandelde ter zitting is gebleken dat verzoekster niet beschikt over betaald werk. Verzoekster ontvangt sinds 2 oktober 2024 een ZW-uitkering. Voldoende aannemelijk is geworden dat zij in de komende jaren geen inkomen zal kunnen verwerven dat hoger is dan haar huidige inkomen.
Door schuldhulpverlening is ter zitting verklaard dat aan alle waarborgen, die ervoor moeten zorgen dat verzoekster het maximale ten behoeve van haar schuldeisers zal afdragen, is voldaan. Verzoekster staat onder beschermingsbewind. Het ontstaan van nieuwe schulden ligt niet in de rede.
Naar verwachting zal de uitwerking van het voorstel een gunstiger resultaat hebben voor de schuldeisers dan in de situatie dat de schuldsaneringsregeling op verzoekster van toepassing zou zijn, zoals subsidiair verzocht. Immers, de toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling zal aanzienlijke kosten met zich brengen, bestaande uit salaris voor de bewindvoerder en griffierecht, die in mindering komen op hetgeen verzoekster zou kunnen afdragen in de schuldsaneringsregeling. Dat betekent dat toepassing van de schuldsaneringsregeling de schuldeisers minder zou opleveren dan bij het akkoord wordt aangeboden.
Op grond van het voorgaande komt de rechtbank dan ook tot het oordeel dat de belangen van verzoekster die vanuit een stabiele situatie haar schuldenproblematiek wil oplossen en van de overige schuldeisers die hebben ingestemd met het aanbod, zwaarder wegen dan die van Autobedrijf Nieuwkoop en Toyota Louwmans, die geweigerd hebben in te stemmen.
Het verzoek om Autobedrijf Nieuwkoop en Toyota Louwmans te bevelen in te stemmen met de schuldregeling wordt daarom toegewezen.
Autobedrijf Nieuwkoop en Toyota Louwmans zullen als de in het ongelijk gestelde partijen worden veroordeeld in de kosten van de procedure. Nu voor het onderhavige verzoekschrift geen griffierecht verschuldigd is en verzoekster niet is bijgestaan door een advocaat, worden de kosten begroot op nihil.
De rechtbank stelt vast dat er thans een gedwongen schuldregeling is afgekondigd, die in de plaats komt van de vrijwillige instemming van de schuldeisers. Hieruit volgt dat verzoekster zal kunnen voortgaan met het betalen van haar schulden en dat zij niet verkeert in de toestand dat zij heeft opgehouden te betalen zodat het subsidiaire verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling zal worden afgewezen.

5.De beslissing

De rechtbank:
- beveelt Autobedrijf Nieuwkoop en Toyota Louwmans om in te stemmen met de door verzoekster aangeboden schuldregeling;
- veroordeelt Autobedrijf Nieuwkoop en Toytoa Louwmans in de kosten van deze procedure, aan de zijde van verzoekster begroot op nihil;
- bepaalt dat dit vonnis in de plaats treedt van de vrijwillige instemming;
- wijst het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling af;
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. B.J. Tideman, rechter, en in aanwezigheid van
S.R.L.T. Peek, griffier, in het openbaar uitgesproken op 12 december 2025. [1]

Voetnoten

1.Tegen deze uitspraak kan degene aan wie de Faillissementswet dat recht toekent, gedurende acht dagen na de dag van deze uitspraak, hoger beroep instellen. Het hoger beroep kan uitsluitend door een advocaat worden ingesteld bij een verzoekschrift, in te dienen ter griffie van het gerechtshof dat van deze zaak kennis moet nemen.