De gecertificeerde instelling Leger des Heils Jeugdbescherming en Reclassering verzocht om verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van twee minderjarige kinderen bij hun opa moederszijde. De ouders oefenen het gezag uit, maar de moeder wenst het gezag niet langer en houdt contact af, terwijl de vader in Duitsland woont en slechts beperkt contact heeft. De kinderen verblijven al geruime tijd bij de opa moederszijde en ontwikkelen zich daar positief.
Tijdens de zitting, die met gesloten deuren plaatsvond, waren de GI en de opa moederszijde aanwezig; de ouders waren correct opgeroepen maar verschenen niet. De kinderrechter vroeg de mening van de kinderen, die geen uiting gaven. De GI lichtte toe dat de Raad voor de Kinderbescherming een onderzoek naar gezagsbeëindiging is gestart en dat verlenging van de maatregel noodzakelijk is.
De kinderrechter oordeelde dat de voorwaarden voor verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing zijn vervuld, omdat de kinderen niet bij hun ouders kunnen verblijven en er sprake is van een ernstige ontwikkelingsbedreiging zonder voorziening. De beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat deze direct geldt, ook bij hoger beroep.
De beslissing is op 8 december 2025 in het openbaar uitgesproken door kinderrechter A. Verweij en op schrift gesteld op 17 december 2025. Hoger beroep is mogelijk bij het gerechtshof Den Haag binnen drie maanden na uitspraak of betekening.