Uitspraak
RECHTBANK Rotterdam
1.BENELUX BARGING B.V.,
2. VERDE MARINE ENERGY B.V.,
1.Waar gaat de zaak over?
2.De procedure
- het verzoekschrift, ontvangen op 3 oktober 2025, met bijlagen 1 tot en met 21;
- de brief van 4 november 2025 van Anaco, met een correctie op het verzoekschrift;
- de aanvullende bijlagen 22 tot en met 25 van Anaco;
- het verweerschrift van Benelux Barging, met bijlagen 1 tot en met 6;
- het verweerschrift van Verde Marine, met bijlagen 1A tot en met 1O en 2;
- de aanvullende bijlagen 1P tot en met 1U en 3 van Verde Marine;
- de mondelinge behandeling op 9 december 2025;
- de spreekaantekeningen van mrs. Latten en Kremer Hovinga;
- de spreekaantekeningen van mr. Blaauw;
- de spreekaantekeningen van mr. Jansse.
3.De beoordeling
legal competent court”, zonder dat daarbij een beperking is aangebracht voor het type geschil. De voorzieningenrechter begrijpt dit forumkeuzebeding daarom zo, dat partijen de rechtbank Rotterdam hebben aangewezen als de bevoegde rechter om kennis te nemen van alle tussen hen gerezen geschillen die voortvloeien uit de tussen hen gesloten overeenkomst van tijdbevrachting. Hiervoor is al geoordeeld dat het onderhavige verzoek tot verkoop van de lading zijn oorsprong vindt in, althans verband houdt met, die overeenkomst. Het forumkeuzebeding schept dan ook op grond van artikel 25, lid 1 sub a, Brussel I bis internationale bevoegdheid voor (de voorzieningenrechter in) de rechtbank Rotterdam om op het verzoek van Anaco te beschikken.
low sulphurof
high sulphur). Deze procedure leent zich er echter niet voor om vast te stellen welke partij(en) het gelijk aan haar/hun zijde heeft/hebben. Daarvoor is de al door Anaco tegen Benelux Barging gestarte bodemprocedure (waarin Verde Marine mogelijk tussenkomt) de aangewezen procedure. In die procedure kan ook aan de orde komen of Benelux Barging zich al dan niet terecht op opschorting van de betaling van de verschuldigde vracht beroept en of Benelux Barging aanvullende kosten aan Anaco is verschuldigd.
4.De beslissing
3349 / 106