Verzoekster bevindt zich in een problematische schuldensituatie en heeft een verzoek ingediend tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp) met een eerdere ingangsdatum dan het vonnis. De rechtbank heeft het verzoek behandeld op 30 september 2025, waarbij ook een schuldhulpverlener aanwezig was.
De rechtbank oordeelt dat verzoekster voldoet aan de voorwaarden voor toelating tot de Wsnp, waaronder het criterium van te goeder trouw zijn en het ontbreken van afloscapaciteit gedurende het voorafgaande schuldhulpverleningstraject. De rechtbank stelt vast dat verzoekster sinds januari 2025 een Ziektewetuitkering ontvangt en niet verplicht was tot sollicitatie, waardoor een eerdere ingangsdatum gerechtvaardigd is.
De ingangsdatum wordt vastgesteld op 3 februari 2025, de datum waarop het nulaanbod aan schuldeisers is gedaan. De looptijd van de regeling wordt bepaald op 18 maanden, eindigend op 3 augustus 2026. Er wordt een bewindvoerder en een rechter-commissaris benoemd die toezicht houden op de naleving van de verplichtingen van de Wsnp en het beheer van de boedel. De rechtbank wijst op de mogelijkheid van een schone lei na succesvolle afronding van het traject.
Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen acht dagen na uitspraak, uitsluitend via een advocaat bij het gerechtshof.