ECLI:NL:RBROT:2025:15151
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek moratorium en niet-ontvankelijkheid in verzoek schuldsaneringsregeling wegens niet-naleving huurbetalingen
Verzoekers hebben een verzoek ingediend om een voorlopige voorziening op grond van artikel 287b, eerste lid, Faillissementswet, gericht op het moratorium en het verbod op ontruiming van hun woonruimte. De rechtbank constateert een bedreigende situatie vanwege een vonnis tot ontruiming en een exploot waarin ontruiming wordt aangekondigd.
De rechtbank weegt het belang van verzoekers om in de woning te blijven en het schuldhulpverleningstraject te doorlopen tegen het belang van de verhuurder om het vonnis uit te voeren. Verzoekers hebben de lopende huurtermijnen niet voldaan en het schuldhulpverleningstraject is niet opgestart, waardoor onvoldoende aannemelijk is dat zij aan hun betalingsverplichtingen zullen voldoen.
De rechtbank oordeelt dat het belang van de verhuurder zwaarder weegt en wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. Tevens verklaart zij verzoekers niet-ontvankelijk in hun verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 284, tweede lid, Faillissementswet, met de mogelijkheid een nieuw verzoek in te dienen zodra het minnelijk traject is afgerond.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen en verzoekers worden niet-ontvankelijk verklaard in hun verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling.