Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
- feit 1: teweegbrengen van een ontploffing op 12 oktober 2024 bij [naam winkel 1] en [naam winkel 2] ;
- feit 2: teweegbrengen van een ontploffing op 30 september 2024 aan de [adres 2] .
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van de feiten 1 en 2;
- veroordeling van de verdachte tot een jeugddetentie voor de duur van 180 dagen met aftrek van voorarrest (69 dagen), waarvan 111 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar;
- veroordeling van de verdachte tot een taakstraf, bestaande uit een werkstraf voor de duur van 60 uren, subsidiair 30 dagen vervangende jeugddetentie.
4.Waardering van het bewijs
[accountnaam 1]en gebruikersnaam
[gebruikersnaam 1]) heeft gesproken over de voorbereiding van de explosie. In de avond voordat de explosie plaatsvond nam de verdachte deel aan een groepsgesprek met
[accountnaam 2]en
[gebruikersnaam 2]Uit het gesprek blijkt dat de verdachte degene is die de klus gaat klaren, dat hij geen vervoer nodig heeft en dat hij van
[gebruikersnaam 2]de spullen krijgt die hij nodig heeft om de explosie te veroorzaken, namelijk een cobra geplakt aan een flesje terpentine of benzine die hij kan aansteken. Diezelfde avond heeft de verdachte ook een gesprek met
[accountnaam 3]waaruit de rechtbank opmaakt dat hij door
[gebruikersnaam 2]een cobra 6 heeft maar geen vervoer.
hij op
of omstreeks12 oktober 2024 te Rotterdam,
althans in Nederland,opzettelijk een ontploffing teweeg heeft gebracht door een
brandende/aangestoken vuurwerkbom, althans zwaar illegaal vuurwerk, te gooien door een opening/gat in een ruit van [naam winkel 1] en [naam winkel 2] . (gevestigd aan de [adres 3] ), terwijl daarvan
één ofmeer aangrenzende woningen en
/ofpanden en
/of
/ofgevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander, te weten
één ofbewoners van voornoemde woningen en
/oféén of meer personen die zich bevonden in de omgeving van voornoemde [naam winkel 1] en [naam winkel 2] .
hij op
of omstreeks30 september 2024 te Rotterdam,
althans in Nederland,opzettelijk een ontploffing teweeg heeft gebracht door een vuurwerkbom,
althans zwaar vuurwerk,aan te steken en
/oftot ontploffing te brengen
bij/voor het pand aan de [adres 2] , terwijl daarvan
/ofpanden
en/of
5.Strafbaarheid feiten
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straffen
- De verdachte lijkt over het algemeen over voldoende vaardigheden te beschikken om probleemsituaties op een adequate wijze op te lossen. Hij is beleefd, bekend met de algemeen geldende normen en waarden, maar kan soms in situaties niet de juiste gedragskeuze maken.
- De verdachte heeft in zijn schorsing goed meegewerkt aan zijn verplichte begeleiding en schorsingsvoorwaarden. Voortzetting van begeleiding acht de Raad niet passend, omdat er momenteel te weinig doelen zijn waarop jeugdreclasseringstoezicht zich kan richten.
- De Raad adviseert een onvoorwaardelijke jeugddetentie en een werkstraf. De Raad vindt het niet passend dat hij terugkeert in jeugddetentie, omdat de verdachte twee maanden in voorarrest in de jeugdgevangenis heeft gezeten en hij de consequenties van zijn delictgedrag heeft ervaren.
- De Raad is van mening dat een onvoorwaardelijk taakstraf in de vorm van een werkstraf een passende afdoening is, omdat antisociaal gedrag niet wordt geaccepteerd in de maatschappij en er sprake is van een zwaar delict.
Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond(hierna: te noemen JBRR) heeft op 7 oktober 2025 een rapport over de verdachte opgemaakt.
- De delicten zijn vermoedelijk ingegeven door de verleiding van financiële beloning. Zijn gevoeligheid voor status en materialisme lijken daarbij een belangrijke rol te hebben gespeeld. Daarbij raakte hij in contact met antisociale leeftijdsgenoten bij de pizzeria waar hij destijds werkte. Inmiddels werkt hij daar niet meer en heeft hij afstand genomen van deze contacten.
- De verdachte heeft zijn schorsingsperiode positief benut: hij heeft aangetoond dat hij in staat is om zijn ontwikkeling zelfstandig voort te zetten. De bestaande zorgstructuur op school en de ondersteuning vanuit het gezin bieden daarbij voldoende houvast. Het bestraffende karakter van zijn schorsingsvoorwaarden hebben indruk gemaakt en hem bewust gemaakt van de mogelijke gevolgen van zijn gedrag.
- De jeugdreclassering ziet daarom geen noodzaak voor voortzetting van toezicht. De jeugdreclassering adviseert om aan de verdachte een voorwaardelijke straf op te leggen, met aftrek van het voorarrest, met de algemene voorwaarde. De jeugdreclassering ziet geen aanleiding voor verdere betrokkenheid vanwege de positieve ontwikkeling binnen verschillende leefdomeinen en het lage recidiverisico.
[persoon B] , jeugdreclasseerder bij JBRR.Hij heeft in aanvulling op zijn rapport toegelicht dat de verdachte in zijn schorsingsperiode hard heeft gewerkt en een goed schorsingstraject heeft doorlopen. Ondanks zijn proceshouding wordt ingeschat dat hij niet zal recidiveren. Hij heeft geen nieuwe politieregistraties en er zijn geen aanwijzingen dat hij nog omgaat met jongens met slechte invloeden. School was louter positief over hem, hij kickbokst, heeft stage gelopen en is begonnen als jongerencoach. Ook op basis van de gesprekken met zijn coach en moeder is de verwachting dat hij niet opnieuw de fout ingaat.
8.Vorderingen benadeelde partijen/schadevergoedingsmaatregelen
- Primair wil de benadeelde partij dat dit wordt berekend over drie maanden. Zij stelt dat de burgemeester het pand eerst voor twee weken heeft gesloten met een spoedsluiting en dat dit later is verlengd tot drie maanden. Subsidiair vraagt de benadeelde partij een vergoeding gelijk aan de huur van twee weken, de duur van de spoedsluiting. De verdediging heeft dit betwist.
- De rechtbank stelt vast dat alleen het besluit tot spoedsluiting en niet het aanvullende sluitingsbesluit door de benadeelde partij is overgelegd. De rechtbank zal daarom enkel de kosten toewijzen in verband met de spoedsluiting. De rechtbank begroot die op € 871,39.
- internet- en telefoniekosten (€ 34,19);
- verzekering bezorgscooter (€ 113,61);
- boekhoudkosten (€ 77,14);
- kosten alarmsysteem (€ 24,17).
- de verdachte moet de benadeelde partij [naam winkel 1] en [naam winkel 2] een schadevergoeding betalen van € 7.187,62 aan materiele schade, te vermeerderen met de wettelijke rente;
- over het resterende deel van de gevorderde schadevergoedingen wordt in deze procedure geen verdere beslissing genomen. Dit deel van de vordering kan daarom slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht;
- verder wordt oplegging van de maatregel als bedoeld in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht passend en geboden geacht.
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlagen
11.Beslissing
voor de duur van 180 (honderdtachtig) dagen
111 (honderdelf) dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten wegens niet nakoming van hierna te melden voorwaarde;
2 (twee) jarenonder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van die proeftijd niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit;
werkstrafvoor de duur van
60 (zestig) uren;
30 (dertig) dagen;
€ 7.187,62 (zegge: zevenduizend honderdzevenentachtig euro en tweeënzestig cent),bestaande uit aan materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 12 oktober 2024 tot aan de dag der algehele voldoening;
maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [naam winkel 1] en [naam winkel 2] te betalen
€ 7.187,62 (hoofdsom, zegge: zevenduizend honderdzevenentachtig euro en tweeënzestig cent),vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 oktober 2024 tot aan de dag van de algehele voldoening, en bepaalt daarbij de duur van de gijzeling op 0 (nul) dagen;
€ 2.000,00 (zegge: tweeduizend euro), bestaande uit immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 12 oktober 2024 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [persoon A] te betalen
€ 2.000,00 (hoofdsom, zegge: tweeduizend euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 oktober 2024 tot aan de dag van de algehele voldoening, en bepaalt daarbij de duur van de gijzeling op 0 (nul) dagen.
hij op of omstreeks 12 oktober 2024 te Rotterdam, althans in Nederland, opzettelijk een ontploffing te weeg heeft gebracht door een brandende/aangestoken vuurwerkbom, althans zwaar illegaal vuurwerk, te gooien door een opening/gat in een ruit van [naam winkel 1] en [naam winkel 2] . (gevestigd aan de Vuurplaat 477), terwijl daarvan
- gemeen gevaar voor goederen, te weten één of meer aangrenzende woningen en/of panden en/of
- levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander, te weten één of bewoners van voornoemde woningen en/of één of meer personen die zich bevonden in de omgeving van voornoemde [naam winkel 1] en [naam winkel 2] .
hij op of omstreeks 30 september 2024 te Rotterdam, althans in Nederland, opzettelijk een ontploffing teweeg heeft gebracht door een vuurwerkbom, althans zwaar vuurwerk, aan te steken en/of tot ontploffing te brengen bij/voor het pand aan de [adres 2] , terwijl daarvan
- gemeen gevaar voor goederen, te weten één of meer aangrenzende woningen en/of panden en/of
- levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander, te weten één of meer personen in zich bevonden in aangrenzende woningen en/of één of personen die zich bevonden in de omgeving van voornoemd pand aan de [adres 2] ,