De rechtbank Rotterdam heeft op 17 december 2025 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van het bezit van een vuurwapen en een kogelpatroon in zijn woning te Hoogvliet op 5 september 2025. De verdachte heeft het feit bekend en de rechtbank heeft het bewezen verklaard dat hij een pistool van het merk BBM, type GAP, kaliber 8mm, en één kogelpatroon kaliber .380 auto in bezit had.
De rechtbank heeft het feit gekwalificeerd als handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie. De verdachte was niet eerder onherroepelijk veroordeeld voor soortgelijke feiten. Uit een reclasseringsrapport bleek dat de verdachte via begeleiding een woning had verkregen, wat een positieve factor was in zijn situatie, ondanks dat de woning mogelijk ontruimd zou worden.
De rechtbank achtte een gevangenisstraf noodzakelijk vanwege de ernst van het feit en het risico dat onbevoegd wapenbezit met zich meebrengt. Het vuurwapen was een omgebouwd gaspistool dat niet functioneerde, wat strafmatigend werd meegewogen. De opgelegde straf van 103 dagen is gelijk aan de tijd die de verdachte in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, waardoor deze voorlopige hechtenis wordt opgeheven.