Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- het tussenvonnis van 17 januari 2025 en de daarin genoemde stukken;
- de brief van [gedaagde] van 8 maart 2025;
- het proces-verbaal van het door de kantonrechter op 15 oktober 2024 gehouden getuigenverhoor.
Rechtbank Rotterdam
In deze zaak heeft de kantonrechter van de Rechtbank Rotterdam op 12 december 2025 uitspraak gedaan in een geschil tussen de Vereniging van Eigenaars (VvE) en een gedaagde eigenaar van appartementen. De VvE had de gedaagde opdracht gegeven om nieuwe meterkastsleutels te laten maken, waarvan de kosten door de gedaagde moesten worden gedragen. De VvE heeft bewijs geleverd dat de gedaagde op de hoogte was van deze kosten en dat hij akkoord ging met de opdracht. De kantonrechter oordeelde dat de VvE geslaagd was in het leveren van bewijs en dat de kosten van € 112,49 voor de nieuwe sleutels redelijk waren. De gedaagde werd veroordeeld om dit bedrag, plus incassokosten en wettelijke rente, aan de VvE te betalen. De proceskosten werden ook aan de gedaagde opgelegd, omdat hij grotendeels ongelijk kreeg in de procedure. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard, wat betekent dat de VvE het vonnis onmiddellijk kan uitvoeren, zelfs als de gedaagde in hoger beroep gaat.