ECLI:NL:RBROT:2025:1831
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vordering betaling en rente na verstek in civiele zaak
In deze civiele procedure vorderen vier eisers betaling van in totaal € 986,93 plus rente en kosten van gedaagde, die niet in de procedure is verschenen, waardoor verstek is verleend.
De kantonrechter beoordeelt de vorderingen en oordeelt dat deze niet ongegrond of onrechtmatig zijn. Er is onderzocht of gedaagde bij het sluiten van de overeenkomst onvoldoende of onjuiste informatie heeft gekregen, maar dit is niet het geval. Ook zijn er geen oneerlijke bepalingen vastgesteld die relevant zijn voor deze zaak.
De kantonrechter veroordeelt gedaagde tot betaling van de gevorderde bedragen aan de vier eisers, vermeerderd met wettelijke rente vanaf verschillende data in december 2023. Daarnaast worden buitengerechtelijke kosten en proceskosten van in totaal € 644,04 toegewezen, eveneens met rente. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 986,93 met rente, buitengerechtelijke kosten en proceskosten.