Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2025:1864

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
17 januari 2025
Publicatiedatum
14 februari 2025
Zaaknummer
11170551 CV EXPL 24-15978
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:119 BWArt. 233 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betaling zorgkosten en rente na behandeling bij Beterggz met compensatie proceskosten

De zaak betreft een vordering van Infomedics tot betaling van zorgkosten voor een behandeling die gedaagde op 15 september 2023 bij Beterggz heeft ondergaan. Gedaagde erkent de behandeling maar betwist het volledige bedrag van € 335,94, stellende recht te hebben op een coulanceregeling die een lager bedrag van € 222,42 zou rechtvaardigen.

Infomedics legt uit dat de coulanceregeling alleen kan worden toegepast indien gedaagde zelf een declaratieoverzicht van haar verzekeraar aan Beterggz doorstuurt, wat niet is gebeurd. Hierdoor is de regeling niet toegepast en blijft gedaagde het volledige bedrag verschuldigd. Tijdens de zitting verklaarde gedaagde reeds € 222,42 te hebben betaald, maar dit kon niet worden bevestigd door Infomedics.

De rechtbank kent rente toe over het bedrag en bepaalt dat de proceskosten worden gecompenseerd. Dit omdat onduidelijke communicatie van Beterggz over een mogelijke administratieve fout en de coulanceregeling heeft geleid tot onnodige procedurekosten, die voor rekening van Infomedics komen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 335,94 zorgkosten met rente, proceskosten worden gecompenseerd.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 11170551 CV EXPL 24-15978
datum uitspraak: 17 januari 2025
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
Infomedics B.V.,
vestigingsplaats: Almere,
eiseres,
gemachtigde: YARDS Deurwaardersdiensten bv,
tegen
[gedaagde],
woonplaats: Ridderkerk,
gedaagde,
die zelf procedeert.
De partijen worden hierna ‘Infomedics’ en ‘ [gedaagde] genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • de dagvaarding van 28 mei 2024, met bijlagen;
  • de aantekeningen van de griffier van het mondelinge antwoord;
  • de mail van [gedaagde] , met bijlagen;
  • de akte van 23 september 2024 aan de zijde van Infomedics, met bijlagen.
1.2.
Op 4 december 2024 is de zaak tijdens een zitting besproken. Daarbij waren namens Infomedics mevrouw [persoon A] (jurist bij YARDS Deurwaardersdiensten bv) met de heer [persoon B] aanwezig. [gedaagde] is zelf verschenen.

2.De beoordeling

Wat is de kern?
2.1.
De zaak gaat over kosten voor een behandeling bij Beterggz. Beterggz heeft de vordering die zij op [gedaagde] heeft overgedragen aan Infomedics. [gedaagde] moet volgens Infomedics € 335,94 betalen voor de behandeling op 15 september 2023. [gedaagde] is het niet eens met de eis. Volgens [gedaagde] zou zij alleen een deel van het bedrag moeten betalen, omdat zij recht heeft op een coulanceregeling. Bovendien is [gedaagde] van mening dat het starten van deze procedure onnodig was. Zij wil daarom de proceskosten van Infomedics niet betalen.
[gedaagde] moet € 335,94 aan zorgkosten betalen
2.2.
[gedaagde] moet € 335,94 aan zorgkosten betalen, omdat [gedaagde] op de zitting heeft erkend dat zij op 15 september 2023 is behandeld bij Beterggz en tussen partijen niet in geschil is dat [gedaagde] moet betalen voor de door haar ondergane behandelingen. Hierna zal worden toegelicht waarom [gedaagde] het gevorderde bedrag aan zorgkosten moet betalen.
2.3.
Infomedics stelt dat [gedaagde] € 335,94 moet betalen voor de door [gedaagde] ondergane behandeling op 15 september 2023. [gedaagde] heeft tijdens de zitting verklaard dat het voor haar niet duidelijk is waarom zij het gehele bedrag van € 335,94 moet betalen. Volgens [gedaagde] hoeft zij slechts € 222,42 aan zorgkosten te betalen, omdat op haar een coulanceregeling moet worden toegepast. Tussen partijen is niet in geschil dat [gedaagde] , om een vergoeding te krijgen vanuit de zorgverzekeraar en om aanspraak te maken op de coulanceregeling van Beterggz, zelf een aantal handelingen moet verrichten. Infomedics stuurt facturen voor de behandelingen bij Beterggz naar [gedaagde] . [gedaagde] kan deze facturen vervolgens doorsturen naar haar verzekeraar, die een gedeelte vergoedt. Vanuit de verzekeraar ontvangt [gedaagde] een overzicht met wat door hen is vergoed. Dit overzicht moet zij doorsturen naar de afdeling declaraties van Beterggz en vervolgens wordt vanuit Beterggz een coulanceregeling toegepast als de eigen bijdrage vanuit de zorgverzekeraar volledig is verbruikt. [gedaagde] heeft de factuur die in deze procedure aan de orde is, niet (via haar verzekeraar) betaald en heeft als gevolg daarvan geen declaratieoverzicht naar Beterggz gestuurd, waardoor de coulanceregeling niet is toegepast. Infomedics kan geen invloed uitoefenen op het wel of niet toekennen van de coulanceregeling. Het tijdig indienen van de declaraties komt voor rekening en risico van [gedaagde] . In haar relatie tot Infomedics moet zij daarom het gehele bedrag aan zorgkosten betalen.
2.4.
Tijdens de zitting heeft [gedaagde] verklaard dat zij al € 222,42 heeft betaald aan Infomedics. Infomedics heeft op de zitting niet kunnen vaststellen dat zij dit bedrag daadwerkelijk heeft ontvangen. Als dit bedrag inderdaad door [gedaagde] is betaald, moet dit bedrag door Infomedics worden afgetrokken van het bedrag dat wordt toegewezen.
[gedaagde] moet rente betalen
2.5.
De rente wordt toegewezen, omdat Infomedics genoeg heeft gesteld waaruit volgt dat deze moet worden betaald en [gedaagde] dat niet heeft betwist. Daarom zit in het totale bedrag dat [gedaagde] aan Infomedics moet betalen de rente van € 11,80 die Infomedics heeft berekend tot en met 30 april 2024. Daarnaast moet [gedaagde] de rente conform artikel 6:119 BW Pro betalen over een bedrag van € 335,94 vanaf 1 mei 2024 tot de dag dat volledig is betaald.
De proceskosten worden gecompenseerd
2.6.
De kantonrechter zal de proceskosten compenseren. Hierna zal worden toegelicht waarom.
2.7.
Over de vraag of [gedaagde] een openstaande rekening had die zij moest betalen, bestond onduidelijkheid bij [gedaagde] . [gedaagde] heeft daarom contact opgenomen met Beterggz om opheldering te krijgen. Beterggz heeft na de mededeling op 26 maart 2024 aan [gedaagde] dat er mogelijk sprake was van een administratieve fout waardoor [gedaagde] onterecht facturen en aanmaningen zou hebben ontvangen, dat er door haar administratie onder meer voor de toepassing van de coulance regeling een inhaalslag moest worden gemaakt en dat Beterggz ernaar streefde dit binnen drie weken gerealiseerd te hebben, [gedaagde] niet meer geïnformeerd. Vervolgens is Infomedics een procedure gestart met alle kosten van dien, die voorkomen had(den) kunnen worden als Beterggz aan Infomedics had doorgegeven dat er mogelijk sprake was van een administratieve fout en wat daarover was gecommuniceerd met [gedaagde] . Deze onduidelijke communicatie vanuit Beterggz dient voor rekening en risico van Infomedics te komen als degene die de vordering heeft overgenomen en niet van [gedaagde] . De kantonrechter oordeelt dat dit als consequentie moet hebben dat de door Infomedics gevorderde proceskostenveroordeling van [gedaagde] niet toewijsbaar is. Omdat aldus partijen elk deels gelijk en ongelijk krijgen, moeten zij de eigen proceskosten dragen.
Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad
2.8.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat Infomedics dat eist en [gedaagde] daar geen bezwaar tegen heeft gemaakt (artikel 233 Rv Pro). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan Infomedics te betalen € 347,74 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over een bedrag van € 335,94 vanaf 1 mei 2024 tot de dag dat volledig is betaald;
3.2.
bepaalt dat de partijen de eigen proceskosten dragen;
3.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.4.
wijst al het andere af.
Dit vonnis is gewezen door mr. K.J. Bezuijen en in het openbaar uitgesproken.
64266