Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- vrijspraak van het impliciet primair ten laste gelegde (poging moord);
- bewezenverklaring van het impliciet subsidiair ten laste gelegde (poging doodslag);
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van zes jaar met aftrek van voorarrest.
4.Waardering van het bewijs
hij wilde mijn ding van ‘ [naam 1] ’ (geluid maken), maat. Ik zei [naam 2] ! Nu ben je brutaal, je gaat het dan horen, toch. (...) Ben je dan gek geworden, broer! Ik dood je, broer!”. Ter zitting heeft de verdachte uitgelegd dat met “ [naam 1] ” een vuurwapen wordt bedoeld.
5.Strafbaarheid feit
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf
8.In beslag genomen voorwerpen
9.Vordering benadeelde partij/ schadevergoedingsmaatregel
- 1. Kleding (t.a.v. het trainingspak en de schoenen): € 245,-;
- 2. Medicatie: € 119,17;
- 3. Eigen risico: € 385,-;
- 6. Ziekenhuisdaggeldvergoeding: € 315,-;
- 10. Mantelzorg: € 1.288,-;
- 11. Reis- en parkeerkosten: € 52,36.
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Bijlagen
12.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 5 (vijf) jaren;
- gelast de teruggave aan de verdachte van het geldbedrag € 852,= (omschrijving: [proces-verbaalnummer] );
de benadeelde partij [slachtoffer 1], te betalen een bedrag
van € 27.404,53 (zegge: zevenentwintigduizend vierhonderdvier euro en drieënvijftig eurocent), bestaande uit € 2.404,53 aan materiële schade en € 25.000,- aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 17 februari 2025 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van
[slachtoffer 1]te betalen
€ 27.404,53 (hoofdsom, zegge: zevenentwintigduizend vierhonderdvier euro en drieënvijftig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 17 februari 2025 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van € 27.404,53 niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
172 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;