ECLI:NL:RBROT:2025:2053
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Benoeming van een vereffenaar in nalatenschap op verzoek van erfgenaam
Op 27 december 2024 diende een erfgenaam een verzoek in bij de rechtbank Rotterdam om een vereffenaar te benoemen voor de nalatenschap van de overledene, die op een eerdere datum was overleden. De nalatenschap was beneficiair aanvaard door de verzoeker, mede vanwege zijn minderjarige leeftijd ten tijde van het overlijden. De overledene had in zijn testament een tweetrapsmaking opgenomen, waarbij na het overlijden van een mede-erfgenaam het erfdeel aan verzoeker toekomt.
De rechtbank stelde vast dat er geen andere belanghebbenden waren en dat verzoeker voldoende belang had bij de benoeming van een vereffenaar, omdat de nalatenschap voor de tweede keer openviel en er onduidelijkheid bestond over de samenstelling van het vermogen en de schulden. Verzoeker beschikte niet over de benodigde kennis en kunde om de nalatenschap zelf te vereffenen.
De rechtbank besloot zonder mondelinge behandeling en wees het verzoek toe. Mr. A.C. de Bakker werd benoemd tot vereffenaar, met de verplichting om de benoeming bekend te maken in de Staatscourant. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en de griffier werd opgedragen de benoeming in het boedelregister in te schrijven en de kantonrechter te informeren.
Uitkomst: De rechtbank benoemt mr. A.C. de Bakker tot vereffenaar van de nalatenschap en verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.