ECLI:NL:RBROT:2025:2462

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
17 januari 2025
Publicatiedatum
26 februari 2025
Zaaknummer
11291664 CV EXPL 24-22216
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:446 BWArt. 6:262 BWArt. 6:96 BWArt. 6:83 onder a BWArt. 6:119 BW
Verwijzingen
7 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betaling gedeeltelijk toegewezen voor betwiste tandartsfactuur en incassokosten

Infomedics vordert betaling van een factuur van €131,67 voor een tandartsbehandeling op 12 oktober 2023. Gedaagde betwist de hoogte van de factuur, omdat volgens hem geen vullingen maar een spalkje zijn geplaatst, waarvan de kosten lager zouden zijn.

De rechtbank oordeelt dat de kosten van het consult (€25,27) onbetwist zijn en toewijst. Voor de behandeling wijst de rechtbank slechts €37,96 toe, gebaseerd op een eerdere factuur die gedaagde heeft overgelegd. Het overige deel van de factuur wordt afgewezen wegens gemotiveerd verweer en onvoldoende onderbouwing door Infomedics.

Het beroep op opschorting wordt verworpen omdat geen tekortkoming in de nakoming is vastgesteld en gedaagde onvoldoende heeft onderbouwd waarom opschorting gerechtvaardigd is. Tevens worden incassokosten van €40 en wettelijke rente vanaf de vervaldatum toegewezen. Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten van €303,54. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot gedeeltelijke betaling van de factuur, incassokosten, rente en proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 11291664 CV EXPL 24-22216
datum uitspraak: 17 januari 2025
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
Infomedics B.V.,
vestigingsplaats: Almere,
eiseres,
gemachtigde: YARDS Deurwaardersdiensten bv,
tegen
[gedaagde],
woonplaats: Rotterdam,
gedaagde,
die zelf procedeert.
De partijen worden hierna ‘Infomedics’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • de dagvaarding van 27 augustus 2024, met bijlagen;
  • de aantekeningen van de griffier van het mondelinge antwoord, met bijlagen;
1.2.
Infomedics heeft nog de gelegenheid gekregen om op het mondelinge antwoord van [gedaagde] te reageren. Dit heeft Infomedics niet gedaan.

2.De beoordeling

Wat is de kern?
2.1.
Op 6 januari 2024 heeft Infomedics aan [gedaagde] een factuur gestuurd voor een behandeling bij de tandarts op 12 oktober 2023. Deze factuur ziet op een bedrag van € 131,67. Deze factuur bestaat uit de kosten voor een consult ter hoogte van € 25,27 en twee éénvlaksvullingen van € 53,20 per vulling. [gedaagde] heeft deze factuur niet betaald en is meerdere keren herinnerd en aangemaand. Infomedics eist daarom dat [gedaagde] wordt veroordeeld om zowel de factuur als de incassokosten en wettelijke rente aan haar te betalen.
2.2.
[gedaagde] is het niet eens met de eis van Infomedics en voert het volgende aan. Tijdens de behandeling zijn geen vullingen geplaatst. Het ging tijdens de behandeling om het aanbrengen van een spalkje. Volgens [gedaagde] zou het aanbrengen van een spalkje ongeveer € 37,- moeten kosten. [gedaagde] is daarom in de veronderstelling dat de factuur te hoog is en weigert te betalen.
[gedaagde] moet € 63,23 betalen aan Infomedics
2.3.
De eis van Infomedics wordt toegewezen voor zover deze betrekking heeft op de kosten van het consult. De eis van Infomedics wordt slechts voor een deel toegewezen voor zover het gaat om de kosten van de behandeling. Hieronder zal worden uitgelegd waarom.
2.4.
Partijen zijn het erover eens dat [gedaagde] op 12 oktober 2023 een geneeskundige behandelingsovereenkomst met de tandarts heeft gesloten (artikel 7:446 BW Pro). Infomedics stelt dat [gedaagde] € 131,67 aan haar moet betalen op basis van deze overeenkomst. Dat bedrag bestaat uit € 25,27 voor het consult en € 106,40 voor de behandeling.
2.5.
Voor de kosten voor het consult geldt het volgende. [gedaagde] geeft zelf aan dat hij op 12 oktober 2023 is behandeld door de tandarts. De kantonrechter begrijpt daaruit dat hij de kosten van het consult niet betwist. De kantonrechter is daarom van oordeel dat de kosten daarvan, ter hoogte van € 25,27, moeten worden toegewezen.
2.6.
Voor de kosten van de behandeling geldt het volgende. De kantonrechter begrijpt dat [gedaagde] betwist dat de behandeling € 106,40 heeft gekost. [gedaagde] heeft aangevoerd dat de behandeling ongeveer € 37,- zou moeten kosten. Dit heeft hij onderbouwd door te verwijzen naar een eerdere tandarts factuur. De kantonrechter begrijpt uit de ingediende producties dat gaat om een bedrag van € 37,96. Omdat [gedaagde] dus niet betwist dat hij € 37,96 moet betalen voor de behandeling die hij heeft gekregen, wijst de kantonrechter dit deel van de eis toe. Het overige deel van de eis wordt afgewezen, nu [gedaagde] hiertegen gemotiveerd verweer heeft gevoerd en Infomedics de eis niet nader heeft onderbouwd.
Beroep op opschorting niet rechtvaardig
2.7.
[gedaagde] geeft aan dat hij pas wil betalen op het moment dat de tandarts een correcte factuur stuurt. De kantonrechter begrijpt dit als een beroep op opschorting (artikel 6:262 BW Pro).
2.8.
Opschorting geeft een partij bij een wederkerige overeenkomst de bevoegdheid om de nakoming van haar verbintenis op te schorten omdat de wederpartij haar deel van de overeenkomst niet is nagekomen. Een opschorting is slechts toegelaten voor zover de tekortkoming dit rechtvaardigt.
2.9.
De kantonrechter is van oordeel dat in dit geval geen sprake is van een tekortkoming in de nakoming. De omstandigheid dat de tandarts verkeerde codes heeft gebruikt op de factuur, maakt nog niet dat de tandarts haar verplichting in het kader van de behandelingsovereenkomst niet is nagekomen. [gedaagde] stelt immers zelf dat er een spalkje is geplaatst. Ten overvloede overweegt de kantonrechter dat [gedaagde] niet heeft onderbouwd waarom de opschorting van de hele betalingsverplichting in dit geval gerechtvaardigd is. De kantonrechter oordeelt daarom dat het beroep op opschorting niet gerechtvaardigd is.
[gedaagde] moet incassokosten van € 40,- betalen
2.10.
De incassokosten van € 40,- worden toegewezen, omdat aan alle voorwaarden is voldaan om deze kosten vergoed te krijgen (artikel 6:96 BW Pro).
[gedaagde] moet rente betalen
2.11.
De rente wordt toegewezen, omdat Infomedics genoeg heeft gesteld waaruit volgt dat deze moet worden betaald en [gedaagde] dat niet heeft betwist. De rente wordt slechts toegewezen over een bedrag van € 63,23 vanaf 5 februari 2024 tot de dag dat volledig is betaald. De rente wordt toegewezen vanaf 5 februari omdat Infomedics onbetwist heeft gesteld dat dit de vervaldatum van de factuur is en [gedaagde] dus vanaf dat moment in verzuim is geweest (artikel 6:83 onder Pro a BW).
[gedaagde] moet de proceskosten betalen
2.12.
De proceskosten komen voor rekening van [gedaagde] , omdat hij voor het grootste deel ongelijk krijgt (artikel 237 Rv Pro). De kantonrechter overweegt daarbij dat [gedaagde] deze kosten had kunnen voorkomen door het niet-betwiste deel van de factuur direct na ontvangst te betalen. De kantonrechter begroot de kosten die [gedaagde] aan Infomedics moet betalen op € 113,54 aan dagvaardingskosten, € 130,- aan griffierecht, € 40,- aan salaris voor de gemachtigde (1 punt) en € 20,- aan nakosten. Dat is in totaal € 303,54. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend. De wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen.
Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad
2.13.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat Infomedics dat eist en [gedaagde] daar geen bezwaar tegen heeft gemaakt (artikel 233 Rv Pro). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan Infomedics te betalen € 103,23 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over een bedrag van € 63,23 vanaf 5 februari 2024 tot de dag dat volledig is betaald;
3.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, die aan de kant van Infomedics worden begroot op € 303,54 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over dat bedrag vanaf de vijftiende dag na de datum van betekening tot de dag dat volledig is betaald;
3.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.4.
wijst al het andere af.
Dit vonnis is gewezen door mr. G.A. Vriezen en in het openbaar uitgesproken.
64362