Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 12 juni 2024, met bijlagen;
- het antwoord;
- de repliek, met bijlagen;
- de dupliek.
Rechtbank Rotterdam
Het Rughuis en [gedaagde] sloten op 13 april 2022 een geneeskundige behandelingsovereenkomst na verwijzing door de huisarts. Het Rughuis factureerde een totaalbedrag van € 10.043,57, waarvan [gedaagde] het grootste deel niet betaalde. De kern van het geschil betreft de vraag of Het Rughuis voldoende en tijdig heeft geïnformeerd over de tarieven van de behandeling.
De rechtbank oordeelt dat Het Rughuis haar informatieplicht heeft geschonden, zoals voorgeschreven in artikel 7:448 lid 1 BW Pro en op grond van de Wet marktordening gezondheidszorg en de Wet klachten en geschillen zorg. De zorgaanbieder heeft nagelaten [gedaagde] duidelijk en tijdig te informeren over de hoge kosten en de eigen bijdrage die niet uit de facturen bleek.
Door deze tekortkoming werd [gedaagde] de mogelijkheid ontnomen om een weloverwogen keuze te maken en eventueel zorg te vergelijken of bij te sturen. De rechtbank acht dit ernstig genoeg om de overeenkomst gedeeltelijk te ontbinden, namelijk voor zover het de betalingsverplichting betreft. De vorderingen van Het Rughuis worden daarom afgewezen en zij wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van Het Rughuis af en ontbindt de overeenkomst gedeeltelijk wegens schending van de informatieplicht over tarieven.