ECLI:NL:RBROT:2025:2666
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing compensatie kinderopvangtoeslag wegens reguliere wijzigingen en geen institutionele vooringenomenheid
Eiseres heeft een aanvraag gedaan voor compensatie wegens vermeende institutionele vooringenomenheid en hardheid van het stelsel bij de kinderopvangtoeslag over de jaren 2017 tot en met 2019. Dienst Toeslagen heeft vastgesteld dat de wijzigingen in de toeslag het gevolg waren van reguliere wijzigingen in toetsingsinkomen, opvanguren en voorwaarden, en heeft eiseres niet in aanmerking gebracht voor het forfaitaire bedrag van € 30.000,-.
Na een bezwaarprocedure en twee bestreden besluiten heeft eiseres beroep ingesteld tegen het tweede besluit. De rechtbank heeft het beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk verklaard vanwege het intrekken van dat besluit en het ontbreken van belang. Het beroep tegen het tweede besluit is inhoudelijk behandeld, waarbij eiseres stelde dat de stopzetting van de kinderopvangtoeslag in 2017 onterecht en abrupt was, leidend tot financiële problemen en onbillijkheden.
De rechtbank oordeelt dat uit het dossier en de voorschotbeschikkingen blijkt dat er geen stopzetting heeft plaatsgevonden in 2017 en dat de wijzigingen het gevolg zijn van reguliere aanpassingen. Er is geen bewijs van institutioneel vooringenomen handelen of hardheid van het stelsel. Daarom komt eiseres niet in aanmerking voor compensatie. Het griffierecht wordt niet teruggegeven en proceskosten worden niet vergoed.
Uitkomst: Eiseres komt niet in aanmerking voor het forfaitaire bedrag van € 30.000,- wegens reguliere wijzigingen en geen institutionele vooringenomenheid.