ECLI:NL:RBROT:2025:2957

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
17 januari 2025
Publicatiedatum
5 maart 2025
Zaaknummer
11354785 CV EXPL 24-25782
Type
Uitspraak
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 150 Rv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bewijslevering opdracht tot maken nieuwe meterkastsleutels betwist in VvE-geschil

In deze civiele procedure tussen de Vereniging van Eigenaars (VvE) en een appartementseigenaar staat centraal of de eigenaar opdracht heeft gegeven voor het laten maken van nieuwe meterkastsleutels voor twee meterkasten behorende bij zijn appartementen.

De VvE stelt dat de eigenaar de sleutels verloren heeft en opdracht heeft gegeven om nieuwe sleutels te maken, waarbij kosten zijn gemaakt die nog niet zijn betaald. De eigenaar betwist dat hij opdracht heeft gegeven.

De kantonrechter kan op dit moment geen eindbeslissing nemen en draagt de VvE op bewijs te leveren van de opdracht. De zaak wordt verwezen naar de rol voor het bepalen van de vorm van bewijslevering, waarna de eigenaar tegenbewijs mag leveren. Alle verdere beslissingen worden aangehouden.

Uitkomst: De rechtbank wijst de VvE toe bewijs te leveren over de opdracht tot het maken van nieuwe meterkastsleutels en houdt verdere beslissing aan.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 11354785 CV EXPL 24-25782
datum uitspraak: 17 januari 2025
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
Vereniging van Eigenaars “ [naam VvE] ”,
vestigingsplaats: [vestigingsplaats] ,
eiseres,
gemachtigde: [persoon A] ,
tegen
[gedaagde],
woonplaats: [woonplaats] ,
gedaagde,
die zelf procedeert.
De partijen worden hierna ‘VvE [naam VvE] ’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • de dagvaarding van 7 oktober 2024, met bijlagen;
  • het mondelinge antwoord;
  • de repliek, met één bijlage;
  • de dupliek.

2.De beoordeling

Waar gaat de zaak over?
2.1.
[gedaagde] is eigenaar van de appartementen [adres 1] en [adres 2] . Beide appartementen hebben ieder een meterkast die zich buiten de woning bevindt en gedeeld wordt met één naburige woning. VvE [naam VvE] stelt dat [gedaagde] op enig moment de meterkastsleutels voor beide meterkasten is verloren en haar opdracht heeft gegeven nieuwe meterkastsleutels te laten maken. VvE [naam VvE] heeft daarom voor [gedaagde] voor de meterkast behorende bij het appartement [adres 1] , door middel van het kopiëren van de meterkastsleutel van de buren waarmee de meterkast wordt gedeeld, twee nieuwe meterkastsleutels laten maken. Omdat de onderbuurman, waarmee de meterkast behorende bij appartement [adres 2] wordt gedeeld, ook niet meer over een meterkastsleutel beschikte – en het daarom niet mogelijk was een kopie van de sleutel te laten maken –, heeft VvE [naam VvE] het slot van de meterkast behorende bij het appartement [adres 2] laten vervangen en voor [gedaagde] twee nieuwe sleutels voor het nieuwe slot laten maken. De kosten voor het laten maken van in totaal vier nieuwe meterkastsleutels en de helft van de kosten voor het vervangen van het slot van één van de meterkasten – waarbij de andere helft van deze kosten in rekening is gebracht bij de onderbuurman met wie de meterkast wordt gedeeld – zijn tot op heden niet door [gedaagde] aan VvE [naam VvE] betaald. VvE [naam VvE] eist daarom in deze procedure dat [gedaagde] wordt veroordeeld om een bedrag van € 112,49 aan haar te betalen. Omdat [gedaagde] niet op tijd heeft betaald, eist VvE [naam VvE] dat hij ook een vergoeding voor de buitengerechtelijke incassokosten en de rente moet betalen.
2.2.
[gedaagde] is het niet eens met de eis van VvE [naam VvE] . [gedaagde] betwist dat hij VvE [naam VvE] opdracht heeft gegeven voor het laten maken van nieuwe meterkastsleutels voor de twee meterkasten behorende bij zijn appartementen.
2.3.
De kantonrechter kan op dit moment nog geen eindbeslissing nemen. De kantonrechter geeft VvE [naam VvE] de gelegenheid om te bewijzen dat [gedaagde] aan haar opdracht heeft gegeven om nieuwe meterkastsleutels laten maken voor de twee meterkasten behorende bij de appartementen van [gedaagde] . Hieronder wordt toegelicht hoe de kantonrechter tot dit oordeel is gekomen.
VvE [naam VvE] wordt toegelaten tot bewijslevering
2.4.
Tussen partijen is in geschil of [gedaagde] opdracht heeft gegeven aan VvE [naam VvE] voor het laten maken van nieuwe meterkastsleutels voor de twee meterkasten behorende bij de appartementen van [gedaagde] . De VvE baseert haar vordering op een afspraak tussen partijen. Die afspraak moet dus komen vast te staan om de vordering te kunnen toewijzen. De stelplicht en bewijslast van de stelling dat partijen deze afspraak gemaakt hebben, ligt bij VvE [naam VvE] (artikel 150 Rv Pro). VvE [naam VvE] heeft bij repliek uitdrukkelijk een bewijsaanbod gedaan. Gelet hierop ziet de kantonrechter aanleiding om VvE [naam VvE] toe te laten tot het leveren van bewijs. Als zij slaagt in het leveren van bewijs, zal de gevorderde hoofdsom worden toegewezen. Als zij het bewijs niet levert, zullen de vorderingen worden afgewezen.
2.5.
De zaak wordt verwezen naar de rol van
donderdag 20 februari 2025 om 11:30 uur, zodat VvE [naam VvE] zich over de vorm van bewijslevering kan uitlaten. Direct nadat VvE [naam VvE] bewijs heeft geleverd, mag [gedaagde] tegenbewijs leveren. De partijen mogen pas op elkaars bewijs reageren als het leveren van bewijs door beide partijen is afgerond. De kantonrechter beoordeelt daarna of het bewijs geleverd is.
2.6.
De kantonrechter houdt iedere verdere beslissing aan.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
draagt VvE [naam VvE] op om te bewijzen dat [gedaagde] opdracht heeft gegeven aan VvE [naam VvE] voor het laten maken van nieuwe meterkastsleutels voor de twee meterkasten behorende bij de appartementen van [gedaagde] ;
schriftelijk bewijs
3.2.
bepaalt dat als VvE [naam VvE] schriftelijk bewijs wil leveren dit bewijs uiterlijk een dag voor de rolzitting van
donderdag 20 februari 2025 om 11:30 uurin tweevoud moet zijn ontvangen op de rechtbank;
getuigenbewijs
3.3.
bepaalt dat als VvE [naam VvE] getuigen wil laten horen, zij uiterlijk een dag voor de rolzitting die hiervoor is genoemd het aantal en de personalia van de getuigen moet opgeven en de verhinderdata van de getuigen en
beidepartijen voor de maanden maart tot en met juni 2025;
3.4.
wijst erop dat VvE [naam VvE] na het bepalen van een datum en plaats voor het getuigenverhoor zelf de getuigen moet oproepen;
en voor het overige
3.5.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. G.A. Vriezen en in het openbaar uitgesproken.
62828